341 resultaten
ID: 135359 | Landschappelijk geheel

Brecht, Sint-Job-in-'t Goor, Sint-Lenaarts (Brecht), Westmalle (Malle), Schilde (Schilde)
De Brechtse Heide ligt op de tweede hoogste cuesta in de provincie Antwerpen. De kleilagen in de ondergrond zorgen ervoor dat het grondwater hoog staat. Tot in de tweede helft van de 18de eeuw was de Brechtse Heide nog onderdeel van een uitgestrekt heidegebied, de ‘Westmaltesche Heijde’. De op de historische kaarten weergegeven vennen vinden we tot vandaag terug in het gebied. De eerste ontginningen in het gebied situeren zich rond de Grote Vraaghoeve waar reeds in 1168 een hoeve zou hebben gestaan. Het huidige landschap bestaat uit de boscomplexen in het westen, een gecompartimenteerd landschap in het midden en in het oosten een eerder open landschap met weilanden. Het landschap van de Brechtse heide is één van de grootste gaaf bewaarde landschappen van de provincie Antwerpen.
ID: 135009 | Landschappelijk geheel

Sint-Lenaarts (Brecht), Rijkevorsel (Rijkevorsel)
Het domein ‘De Hees’ betreft een van oudsher bestaand herengoed, dat toebehoorde aan de heer die de streek bezat en bestuurde. Het landschap bestaat uit een centraal bebost gebied rond het jachtkasteel ‘de Hees’, gelegen binnen een open agrarische omgeving.
ID: 135337 | Landschappelijk geheel

Bree, Opitter (Bree), Gruitrode, Neerglabbeek (Oudsbergen)
De Itter en haar zijbeken sneden smalle valleien uit in het Kempens Plateau. Landschappelijk vormt de Itterbeek ook de overgang tussen het landbouwgerichte noordwesten en de Solterheide ten zuidoosten. Hoewel de oorspronkelijke heide daar is verdrongen door naaldbossen en akkers, worden in wegbermen, kapvlakten of brandgangen toch heiderelicten teruggevonden. Noordwestelijk, op de Nijsenberg en de Steenberg, voeren velden en weiden de boventoon, waartussen verspreide hoeves staan en loofbosjes voorkomen. In Opitter lagen niet minder dan vier watermolens. Vlakbij ligt nog het park Itterdal, in landschappelijke stijl, met merkwaardige boomsoorten, een vijvercomplex en vele bloemrijke delen. Guitrode kent ook een gave dorpskern met onder andere de Sint-Gertrudiskerk en een commanderij van de Duitse Orde.
ID: 135296 | Landschappelijk geheel

Tongerlo (Bree), Kinrooi (Kinrooi), Neeroeteren (Maaseik)
De omgeving rond de Brand is gelegen in het grensgebied van de gemeenten Bree, Kinrooi en Maaseik. Ten noorden loopt de Itter- of Tongerlose Beek als een centrale as doorheen het gebied. Ten westen liggen op de Itter twee watermolens: de Keyaertmolen en Galdermansmolen. Het zwak tot zeer zwak golvend microreliëf is gevormd in een laag dekzand. Omwille van het zwak reliëf en de daarmee gepaard gaande gebrekkige ontwatering is het gebied van nature drassig. De langgerekte, smalle vennen ten noordoosten, Batven en Deunsven, ontstonden in bestaande beekdepressies. Om het gebied te ontwateren en in cultuur te brengen werd een veelheid van grachten en meestal kunstmatige zijbeken aangelegd. De site van het kasteeldomein De Oude Kuil is gevestigd op een drogere duinrug. Het relict-bocagelandschap wordt gekenmerkt door een fijnmazige mozaïek van graslandpercelen, brede houtwallen, houtkant
ID: 71042 | Bouwkundig / Landschappelijk element

Molenstraat 56 (Bree)
Watergraanmolen op de Itter. De molen is thans niet meer gelegen aan de Itter maar aan de Wijshager- of Eetsevelderbeek; Metalen onderslagrad tegen de achtergevel van het molenhuis, met opschrift: 1985, M. DREES; het vervangt een houten rad dat in 1970 door brand was vernield. Vloeiweide aan de overzijde van de beek met knotbomenrij. Aanzet van de holle weg richting Bree ten noordoosten.
ID: 135128 | Landschappelijk geheel

Dudzele, Koolkerke (Brugge), Damme (Damme)
Dit gebied ligt quasi volledig in het zogenaamd oudland-poldergebied en toont nog het typische grondgebruik gerelateerd aan de fysische structuur van kreekruggronden en komgronden. In het uiterste noordoosten van het gebied ligt een stuk in het zogenaamd middelland-poldergebied. Op de drogere kreekruggronden treft men nog (vooral) akkerland aan. hierop komen ook de verspreide bebouwing en de wegen voor. Hier en daar liggen enkele hoogstamboomgaarden bij de hoeves. De komgronden zijn van oudsher grasland en vertonen microreliëf. Tussen de onregelmatige weilandpercelen zijn talrijke grachtjes aanwezig. Het grasland heeft een belangrijke floristische en faunistische waarde. De dorpskern van Dudzele is opgenomen in de afbakening.
ID: 300500 | Landschappelijk geheel

Dudzele, Koolkerke, Sint-Kruis (Brugge), Damme, Hoeke, Lapscheure, Oostkerke (Damme), Westkapelle (Knokke-Heist), Maldegem (Maldegem)
Dit gebied, 4.844 ha groot, bevindt zich in de kustpolders ten noordoosten van Brugge, aan weerszijden van de Damse Vaart. Het omvat het typische landschap van de Oostkustpolders langsheen de voormalige Zwingeul en nabij Dudzele, gekenmerkt door vlakke, open tot halfopen agrarische landschappen doorsneden door dijken, zoals de Romboutswervedijk, de Krinkeldijk, de Mostaertdijk (voorheen Greveningedijk), de Oude Sluissedijk, de Zuiddijk, de Branddijk en de Sint-Pietersdijk en kanalen, zoals de Lieve, de Damse Vaart en het Schipdonk- en Leopoldkanaal, die in vele gevallen geaccentueerd worden door opgaande bomenrijen, soms aangevuld met knotbomen en struwelen.
ID: 135176 | Landschappelijk geheel

Lissewege (Brugge)
Dit gebied omvat een gedeelte van het poldergebied rond het Lisseweegs Vaartje, alsook een deel van de dorpskern van Lissewege. De dominante poldergraslanden kennen gedurende het gehele jaar een zeer hoge grondwaterstand door hun lage ligging. De perceelsstructuur hangt vast aan de hoeve van het abdijcomplex Groot Ter Doest en bestaat uit grote regelmatige percelen begrensd door grachten met rietvegetatie. De monumentale dwarsschuur van de voormalige abdij vormt de blikvanger in de omgeving door haar grootte en door de vorm.
ID: 135139 | Landschappelijk geheel

Sint-Andries, Sint-Michiels (Brugge), Snellegem (Jabbeke), Loppem, Zedelgem (Zedelgem)
Dit gebied is gelegen in de zuidwestelijke bosrijke rand rond Brugge. Tijdens de middeleeuwen en later (tot 18de eeuw) vormden de arme en droge landbouwgronden een uitgestrekt gemeenschappelijk veldgebied met struiken, heide, en her en der enkele ontgonnen percelen. Na de 18de eeuw kwamen grote delen van dit gebied in handen van de adel die deze gronden ontgonnen als landbouwland of als bos. Ze gingen systematisch te werk volgens een geometrisch patroon van dreven. Veelal lieten ze op de slechtste gronden een kasteel bouwen met bijhorend park: kasteel Tudor, kasteel van Tillegem, kasteel Forreist en Kasteel ter Heide. Verder liggen in het gebied ook nog de omgrachte hoeve Sint-Anna-ter-Woestijne, de Hoeve Godts en de Abdij van Zevenkerken. In het zuidwesten bevindt zich een zeer natte depressie ’t Duivelsnest genaamd.
ID: 300512 | Landschappelijk geheel

Sint-Andries (Brugge), Varsenare (Jabbeke), Houtave, Meetkerke (Zuienkerke)
Dit gebied omvat de poldergronden ten noordwesten van Brugge met de kleinschalige dorpen Houtave en Meetkerke, doorsneden door de Blankenbergse vaart en centraal de droogmakerij van de Lage Moere. Voorbij het kanaal Brugge-Oostende ligt een overgangsgebied naar de zandstreek ten westen van Brugge met een aantal ontginningshoeves en kasteeldomeinen waarvan enkele historisch verbonden zijn met het polder- en moergebied.