Gebeurtenis

Inventarisatie bouwkundig erfgoed Maldegem

geografische inventarisatie
ID: 479   URI: https://id.erfgoed.net/gebeurtenissen/479

Beschrijving

De inventarisatie van het bouwkundig erfgoed in Maldegem gebeurde in 2002 en 2003. Het inventaristeam van de toenmalige Afdeling Monumenten en Landschappen selecteerde in Maldegem en deelgemeenten Adegem en Middelburg 287 panden en constructies met erfgoedwaarde.

Context en doelstelling

De inventarisatie van het bouwkundig erfgoed in Maldegem situeert zich in de eindperiode van de grootschalige geografische inventarisatie van het bouwkundig erfgoed in België. In het jaar 2000 valt de beslissing de boekenreeks Bouwen door de Eeuwen Heen in Vlaanderen stop te zetten. In 2004 publiceert men de laatste boekdelen voor de provincie Antwerpen, in 2005 werkt men Limburg af. Na de twee oudste, tweetalige boekdelen, waarvan één voor het arrondissement Leuven en één voor het arrondissement Nijvel, verschenen er van 1975 tot de stopzetting van de publicatiereeks 19 nummers met in totaal 56 volumes. Daarmee bevat de reeks de inventarissen van 243 van de toen 308 Vlaamse gemeenten. De provincies Antwerpen, Limburg en Vlaams-Brabant werkte men helemaal af. In Oost-Vlaanderen moest men nog de inventarissen van 22 gemeenten opmaken, in West-Vlaanderen nog van 43 gemeenten. De inventaris van Maldegem was daar één van. Die inventarissen zijn niet meer in boekvorm gepubliceerd maar werden rechtstreeks op de inventariswebsite van de Afdeling Monumenten en Landschappen ter beschikking gesteld.

De doelstellingen van de inventarisatie bleven ook na het stopzetten van de boekenreeks behouden, namelijk de drieledige missie uit de beginjaren, aangevuld in de jaren 1990 met een vierde doelstelling:

  1. De inventaris wil een beschermingsinstrument zijn als uitgangspunt voor op te stellen lijsten van te beschermen monumenten en stadsgezichten.
  2. De inventaris wil een gids zijn voor de architectuur van de streek.
  3. De inventaris wil door een eerste, uiteraard verbeterbaar overzicht van het bouwkundig erfgoed te geven een uitgangspunt vormen voor het nog steeds onontbeerlijk verder wetenschappelijk onderzoek.
  4. De inventaris wil een hulpmiddel bieden aan lokale besturen ter ondersteuning van het gemeentelijk beleid inzake het architecturale patrimonium.

Methodologie

Ook voor de laatste reeks inventarissen in Oost-Vlaanderen hield men vast aan de basisprincipes van de inventarismethodologie van het project Bouwen door de eeuwen heen. Veldwerk vanop de openbare weg bleef de basis voor de evaluatie en de selectie van het bouwkundig erfgoed. Registratie van de visuele waarnemingen ter plaatse op een veldwerkfiche en fotografische opnamen vulden elkaar aan.

Aanvankelijk nam men het arrondissement als studiegebied voor de geografische aanpak van het onderzoek, de selectie en de publicatie in boekdelen. Door de ruimere selectiecriteria was de publicatie van de inventarissen per arrondissement al snel niet meer haalbaar, waardoor men overschakelde naar kantons. Toen men rond 2000 stopte met de publicatie van de inventarissen in de boekenreeks, liet men ook de afbakening per kanton varen. De inventarissen werden per gemeente opgemaakt, afgewerkt en gepubliceerd op de inventariswebsite. Doordat de Oost-Vlaamse inventaristeams een ruime en grondige kennis hadden van de volledige provincie, kon men een ruime geografische basis voor de evaluatie en selectie van het erfgoed blijven garanderen.

De beschrijving van het erfgoed in deze gemeentelijke inventarissen bleef gebeuren volgens het stramien uit de inventarismethodologie. Die werden, mee evoluerend met de professionalisering van de monumentenzorg, steeds uitgebreider en gespecialiseerder. Bij de eerste inventarissen maakte men de beschrijving op basis van een visuele evaluatie en screening van het erfgoed ter plaatse. Vanaf de jaren 1990 vulde men dat aan met onderzoek van beschikbare literatuur en archiefonderzoek, waarbij het onderzoek in het archief van het kadaster steeds systematischer werd uitgevoerd. Deze bouwhistorische achtergrondinformatie kon de gebouwen in hun context situeren, hun vroegere functie en evolutie belichten, en op die manier de erfgoedwaarde extra motiveren. Deze contextuele aanpak resulteerde in de introductie van beschrijvingen van straatbeelden en (deel)gemeente-inleidingen. Bij het begin van elk boekdeel legde een algemene inleiding per arrondissement of kanton het verband tussen het bouwkundig erfgoed en de geografische, landschappelijke en historische en stedenbouwkundige omgeving en evolutie. Om het inventarisproject in Oost-Vlaanderen versneld te kunnen afwerken, koos men ervoor de algemene inleidingen en de beschrijvingen van de gemeenten en deelgemeenten niet meer uit te werken. De focus lag op de beschrijving van het geselecteerde bouwkundige erfgoed, dat wel nog steeds met een straatinleiding werd gekaderd in zijn ruimtelijke context.

Waarden en criteria voor opname in de inventaris bouwkundig erfgoed

Men selecteert panden en constructies binnen de afgebakende geografische context steeds omwille van de op dat moment geldende erfgoedwaarden, vermeld in de wetgeving. De inventarisatie van het bouwkundig erfgoed in Maldegem gebeurde in 2002-2003. Men gebruikt bij de inventarisatie de criteria opgenomen in het decreet van 3 maart 1976 en gewijzigd bij decreet van 22 februari 1995. Vanaf 1976 wordt bouwkundig erfgoed geselecteerd op basis van de artistieke, wetenschappelijke, historische, volkskundige, industrieel-archeologische of andere sociaal-culturele waarde, wat een zeer ruime interpretatie van de definitie van bouwkundig erfgoed mogelijk maakte. Er is grote aandacht voor straatbeelden en ensembles; naast religieuze, burgerlijke en industriële gebouwen selecteert men een ruim aantal doorsneewoningen en -constructies, representatief voor de basisbebouwing van een bepaalde gemeente of streek. Kleinere bouwkundige elementen, zoals straatmeubilair, krijgen systematisch hun plaats in de inventarissen. Een chronologische limiet voor opname van een pand in de inventaris werd sinds het decreet van 1976 achterwege gelaten; ook recente architectuur kreeg daardoor een plaats in de Inventaris Bouwkundig Erfgoed in Vlaanderen. Meestal heeft een geselecteerd inventarisobject niet één bepaalde erfgoedwaarde, maar gaat het om een wisselwerking tussen meerdere waarden. Verder houdt men rekening met volgende criteria: de zeldzaamheid, de herkenbaarheid, de authenticiteit, de representativiteit, de ensemblewaarde en de contextwaarde.

Deze waarden en criteria worden niet afzonderlijk beschouwd. Het is de globale beoordeling die het uitgangspunt vormt voor de evaluatie. Voor opname in de inventaris van het bouwkundig erfgoed dienen de waarden en criteria afgetoetst te worden binnen het geografische kader van het inventarisproject. Met andere woorden: de opname van een gebouw of object in de inventaris wordt nooit object per object besloten, maar steeds in het kader van de erfgoedwaarde-afweging van een groep van gebouwen of objecten per regio of per type. Hoewel de inventaris van Maldegem en deelgemeenten formeel als een apart geheel is gepubliceerd op de inventariswebsite, gebruikte het inventaristeam bij de selectie van het erfgoed de inventarisgegevens uit de toen lopende inventarisprojecten in omliggende gemeenten om een weloverwogen en ruim selectiekader te creëren.

Op basis van deze waarden en criteria selecteerde het inventaristeam in 2002-2003 in de Maldegem, Adegem en Middelburg 287 panden en constructies met erfgoedwaarde voor opname in de inventaris. Het zwaartepunt ligt in het verstedelijkte Maldegem, met 207 inventarisfiches. In Adegem vertegenwoordigen 68 fiches het bouwkundig erfgoed, slechts 13 panden en constructies liggen in Middelburg.

In de inventaris van de verstedelijkte kern van Maldegem vinden we vooral 19de- en begin-20ste-eeuwse architectuur terug. Enkele oudere panden zoals het schepenhuis en herberg Oud Stadhuis getuigen van een vroegere geschiedenis. Verder zijn er de typische elementen van een eind-19de- of begin-20ste-eeuwse beeld van een grote, bloeiende gemeente zoals het gemeentehuis, cafés en winkels, scholen, een hospitaal en godshuis en een station, burgerhuizen,... Maldegem heeft interessante interbellumarchitectuur, waarbij villa’s en burgerhuizen, maar bijvoorbeeld ook een privékliniek en een hotel, een staalkaart vormen van de stijlen uit die periode, van regionalisme tot modernisme. Het gebied rondom de kern is uitgesproken landelijk, gekenmerkt door het Maldegemveld, een aantal landhuizen en talrijke goed bewaarde hoeves die vaak opklimmen tot voor de 19de eeuw.

De Inventaris Bouwkundig Erfgoed in Adegem geeft ons het typische beeld van een landelijke Oost-Vlaamse gemeente, bestaande uit dorpskern met kerk en dorpselementen zoals scholen, pastorie, dorps- en notabelenwoningen, cafés, begin-20ste-eeuwse cottagevilla’s en een paar interbellumpanden, doorgaans met winkelfunctie. Het omliggende landelijke gebied bevat ook hier erfgoedwaardige hoeves die vaak tot voor de 19de eeuw terug gaan.

In deelgemeente Middelburg zijn slechts 13 panden en constructies geselecteerd voor de inventaris. Het gaan om elementen uit de Tweede Wereldoorlog, en de kernelementen van het dorp zoals de schandpaal, de dorpsscholen en onderwijzerswoning, het gemeentehuis, de kerk, de molen. Van de voormalige middeleeuwse stad Middelburg zijn enkel archeologische sporen bewaard. Oorlogsschade in 1944 zorgt ervoor dat er weinig panden met een oudere kern zijn bewaard.

De ligging van de gemeenten Maldegem op de grens met Nederland uit zich in een historische grenspaal, en tevens ook in de concentratie van erfgoed uit de Tweede Wereldoorlog, verspreid over de drie deelgemeenten. Wat het erfgoed uit de 20ste eeuw betreft, is de informele chronologische limiet van 1940 die de inventaristeams nog lang gebruikten in functie van de opname in de inventaris, merkbaar. Architectuur van voor de Eerste Wereldoorlog en van tijdens het interbellum zijn goed en evenwichtig vertegenwoordigd. Uit de periode vanaf de Tweede Wereldoorlog nam men slechts twee objecten op: een watertoren en het opvallende café Caltex in Adegem.

Auteurs :  Hooft, Elise
Datum  : 2020


Relaties

Is deel van

Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen

Antwerpen, Limburg, Oost-Vlaanderen, Vlaams-Brabant, West-Vlaanderen


Bekijk gerelateerde erfgoedobjecten

Koning Albertlaan 33-37, Zoetendale 2-4 (Maldegem)
Voorheen complex van omwalde hoeven op de plaats van de voormalige abdij van Zoetendale. Gelegen in de noordelijk gelegen wijk Donk, op de grens van Oost- en West-Vlaanderen en de grens van drie gemeenten: Maldegem, Middelburg en Moerkerke. De voornaamste abdijgebouwen lagen op Maldegem. In het ancien régime tevens de grens van het Brugse Vrije en de heerlijkheid-Ambacht Maldegem.


Prins Boudewijnlaan zonder nummer (Maldegem)
Het Adegem Canadian War Cemetery werd aangelegd in 1945, naar ontwerp van architect Philip Hepworth en wordt onderhouden door de Commonwealth War Graves Commission. De definitieve symmetrische aanleg met ingangspoort, centraal kruis en gedenkhal dateert van 1952-53.


Noordstraat 13 (Maldegem)
Witgeschilderd huisje, oorspronkelijk deel uitmakend van het aanpalende complex van de huidevetterij H. Potvliege. Woning met oudere, mogelijk nog 18de-eeuwse kern met vier traveeën onder mansardedak met twee dakvensters, links afgewerkt met een aandak.