erfgoedobject

Industrieel complex

bouwkundig element
ID: 21096   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/21096

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Industrieel complex
    Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009

Beschrijving

Interessant gegroeid industrieel complex, dat thans in twee panden opgesplitst is: nummer 6 wordt sedert circa 1914 ingenomen door de zogenaamde "A. Reichart - Entreprises Générales de Ferronnerie", terwijl nummer 20 thans in gebruik is als dienstruimten van een reinigingsbedrijf.

De oudste delen van het geheel bevinden zich links en rechts van de doorgang achter nummer 20, thans achteraan afgesloten door een blinde muur. Het rechter gebouw werd in 1838 opgericht als werkhuis J. De Buck, in 1844 gesplitst in een katoenspinnerijtje (zuidelijk deel) en een ijzergieterij (noordelijk deel, thans behorend bij de firma Reichart, en bereikbaar via nummer 6): bakstenen constructie van twee bouwlagen, zeven traveeën, onder zadeldak (pannen); getoogde openingen met ijzeren roedeverdeling en hardstenen dorpels in elke bouwlaag; verankerde gewitte gevel op gecementeerde plint. In interieur: moeren kinderbalkenconstructie, op begane grond oorspronkelijk ondersteund door gietijzeren kolommen met vlakke kopplaat, op verdieping rustend op houten kolommen; in beide bouwlagen werden de meeste kolommen echter verwijderd.

Het linker bedrijfsgebouw werd in 1842-43 als magazijn opgericht, en behoorde sedertdien afwisselend zowel bij het huidige nummer 6 als bij nummer 20. Bakstenen constructie van twee bouwlagen, zes traveeën (magazijn) onder zadeldak (Vlaamse pannen); afgeschuinde noordgevel; zelfde gevelordonnantie als het rechter gedeelte, doch met venstertraveeën in verdiepte rechthoekige nissen en slechts verankerd boven tweede bouwlaag.

De huidige Firma Reichart is ingeplant rond een binnenplein, achter een overbouwde doorgang, en ten oosten afgesloten door de achterbouw van nummer 20.

Het ten noorden gelegen langgerekt gebouw werd in 1842-43 opgericht als aardappelmeel-fabriek, in 1846 deels omgevormd tot werkhuis (westelijk deel) en vanaf 1858 volledig in gebruik genomen als werkhuis van de ijzergieterij De Cuyper. Bakstenen constructie van anderhalve bouwlaag, twaalf traveeën, onder zadeldak (Vlaamse pannen); getoogde openingen met ijzeren roedeverdeling en tegeldorpels, in verankerde gewitte gevel op gepikte plint. Interieur met houten moer- en kinderbalkenconstructie, rustend op de buitenmuren. De in het oosten aansluitende vroegere ijzergieterij (afsplitsing van het werkhuis achter nummer 6, 1844), is thans, met uitzondering van de muurpartijen, grotendeels ver- en ingebouwd.

In 1854 bouwde de kopergieter P. De Cuyper, in het midden van het toen nog open binnenplein een nieuwe ijzergieterij (thans gebruikt als magazijn): bakstenen constructie van één bouwlaag, met getoogde openingen, onder zadeldak (Vlaamse pannen), en met westgevel dichtgebouwd door de huidige burelen. In interieur houten moer- en kinderbalkenconstructie op bakstenen binnenpilasters; moerbalken doen tevens dienst als kapbalken. Deze ijzergieterij zou nadien de andere panden (met uitzondering van het katoenspinnerijtje) opslorpen als werkhuizen en magazijnen.

Circa 1860 werd het geheel omgevormd tot een stoombierbrouwerij (vanaf 1881 met inbegrip van de spinnerij), en einde 19de eeuw waarschijnlijk tot houthandel. De gedeelten ten westen van de binnenkoer kwamen circa 1874 tot stand: één bouwlaag, negen traveeën (laatste twee traveeën twee en een halve bouwlaag), onder zadeldak (Vlaamse pannen); getoogde openingen met ijzeren roedeverdeling, in verankerde gewitte gevel op gepikte plint. In interieur: houten moer- en kinderbalkenconstructie op binnenpilasters en ondersteund door verschillende types gietijzeren kolommen; de moerbalken vertonen nog de aanhechtingspunten der vroegere assen-transmissie. Ten zuiden aansluitend bij dit gebouw: intacte handsmidse (begin 20ste eeuw) onder twee raekemdaken (houten spanten).

Ten westen aanleunend bij de voormalige ijzergieterij, en aldus de binnenkoer versmallend tot een doorgang achter de toegangspoort: interessante houten constructie op bakstenen onderbouw, waarschijnlijk einde 19de eeuw opgetrokken als open houtmagazijnen en daarna (eerste kwart van de 20ste eeuw) door middel van beplanking tot burelen omgevormd: twee bouwlagen, vier traveeën, onder mansardedak (Vlaamse pannen); dakvenster met hijsbalk boven derde travee.

  • Kadasterarchief Oost-Vlaanderen, Mutatieschetsen Gent.

Bron     : Bogaert C., Lanclus K. & Verbeeck M. met medewerking van Linters A. 1979: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Gent, Bouwen door de eeuwen heen  in Vlaanderen 4NB Z-W, Brussel - Gent.
Auteurs :  Bogaert, Chris, Lanclus, Kathleen, Verbeeck, Mieke
Datum  : 1979


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2020: Industrieel complex [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/21096 (Geraadpleegd op 27-09-2020)