erfgoedobject

Burgerhuis in beaux-artsstijl

bouwkundig element
ID
307595
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/307595

Beschrijving

Burgerhuis in beaux-artsstijl, in 1928 door Frank Blockx ontworpen voor rekening van bouwheer Walter Colignon.

Historiek en context

Uit het ruime oeuvre dat architect Frank Blockx naliet spreekt een duidelijke voorliefde voor historiserende stijlen: de burgerwoningen, winkelpanden en appartementsgebouwen die naar zijn ontwerp verrezen variëren van beaux-artsstijl, neoclassicisme en eclectische stijl tot neobarok en neo-Tudorstijl. Toch verruimde de architect zijn stilistisch palet ook tot het modernisme, zo blijkt uit het appartementsgebouw in de Hoogstraat 39, dat een vormgeving kreeg in zakelijke art-decostijl. Het project "Vrolijk België", een fictief stadje dat naar ontwerp van Frank Blockx en Joseph de Lange werd opgericht in het kader van de Wereldtentoonstelling van 1930 te Antwerpen, trok grote bezoekersaantallen. In de jaren 1940 en '50 was Blockx tevens actief als restauratiearchitect.

Het hier besproken gebouw vormt een passend voorbeeld van het overwegend conservatieve repertoire van Frank Blockx. Opdrachtgever Walter Colignon (Ekeren, 1903-1964) was verbonden aan de expeditiefirma H. Colignon & Co, voorheen gevestigd in de Arenbergstraat 5 en werkzaam in internationaal transport en douaneactiviteiten. Het bedrijf was opgericht door Hippolyte Colignon (Antwerpen, 1831-1908), vermoedelijk zijn grootvader, die in 1885 het vervoersbedrijf Van Gend & Loos overnam. Blockx was de huisarchitect van zowel de familie als het bedrijf van Hippolyte Colignon, getuige de woning Edward Colignon uit 1929 aan de Belgiëlei. Nadat Frank Blockx in 1928 de woning ontwierp, tekende hij in 1935 in opdracht van Walter Colignon ook de plannen voor een uitbreiding van de tweede verdieping. Deze uitbreiding werd gerealiseerd ter hoogte van het plat dak boven de eerste verdieping, waardoor de originele planindeling verder bewaard bleef.

Architectuur

Zowel stilistisch als typologisch beantwoordt het hier besproken burgerhuis aan het bouwprogramma van de Koninklijkelaan en bij uitbreiding de wijk nieuw Berchem. De gevel in beaux-artsstijl, door middel van een voortuin met smeedijzeren tuinhek van de openbare weg gescheiden, past naadloos in het door deze stijl gedomineerde straatbeeld.

Het burgerhuis telt twee bouwlagen onder een pseudo-mansarde (leien) met centrale dakkapel en is vrijwel volledig onderkelderd. De drie traveeën tellende natuurstenen lijstgevel op een hoge, hardstenen plint wordt regelmatig geritmeerd door rondboogopeningen, waarbij de groot gedimensioneerde inkomdeur de symmetrie doorbreekt. Over de bouwlagen oplopende spaarnissen, aan de bovenzijde afgewerkt met florale motieven, omvatten de vensteropeningen. Deze zijn op de verdieping uitgerust met vensterleuningen in decoratief smeedwerk, rustend op geprofileerde, natuurstenen Franse balkons, waarvan de consoles aansluiten op de vlakke sluitstenen van de ondergelegen vensteropeningen. Afgezien van een bescheiden profilering aan de bovenzijde, zijn ook de sluitstenen op de verdieping vlak uitgewerkt. Een kwartholle deuromlijsting en sierlijk uitgewerkte florale motieven en rankwerk aan de bovenzijde van de inkompartij benadrukken de deurtravee. De blik wordt echter vooral gevangen door de dakkapel met tweelicht, geflankeerd door klauwstukken en bekroond met een gebogen fronton en cartouche. Het schrijnwerk van de vensteropeningen werd vervangen naar historisch model. In de deuropening bleef enkel het bovenlicht met decoratief smeedwerk bewaard. De daklijsten van de mansarde werden vervangen. Het hekwerk aan de voortuin is uitgewerkt in een ornamentiek die aansluit op het smeedwerk in het gebouw.

Het grondplan volgt volgens de bouwplannen gedeeltelijk het opzet van een klassieke burgerwoning, waarbij de deurtravee een langgerekte inkomhal herbergt, die achteraan in de woning uitmondt in een keuken en vervolgens sanitair. Ter hoogte van de venstertraveeën bevindt zich een enfilade met salon (parloir) en eetkamer die uitgeeft op de binnenplaats en tuin. Opvallend element binnen deze enfilade is de centraal gesitueerde hal met haard en bordestrap. Een secundaire circulatie werd dieper in de woning voorzien, met een entresol boven de keuken. De verdieping omvat een ruime slaapkamer over de gehele breedte van de woning, met aansluitend badkamer en sanitair en vervolgens een tweede, kleinere slaapkamer. Achter de diensttrap is een derde, kleine slaapkamer geplaatst, mogelijk bestemd voor inwonend personeel. De bovenste bouwlaag omvat twee mansardes en een zolderruimte. Glazen vloertegels voorzien de ondergelegen primaire trap van natuurlijk licht, badkamer en sanitair werden gedeeltelijk overspannen door een lichtkoepel. De tweede verdieping werd in 1935 uitgebreid en kreeg een gelijkaardige invulling als de eerste verdieping met twee slaapkamers aan de voorzijde van de woning, centraal een badkamer en daarachter opnieuw een ruime slaapkamer en een zolderkamer. De bestaande lichtkoepels bleven bij deze uitbreiding behouden. De kelderverdieping is opgedeeld in een stookplaats, kolen-, wijn- en provisiekelders.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 961#9553 en 1275#2992.

Auteurs :  Vanderheyden, Bhumi
Datum  :


Relaties


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Burgerhuis in beaux-artsstijl [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/307595 (Geraadpleegd op )