Mechanische spinnerij

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Gent
Deelgemeente Gent
Straat Molenaarsstraat
Locatie Molenaarsstraat 111, Gent (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Gent (actualisaties: 01-01-2006 - 24-09-2007).
  • Adrescontrole Gent (adrescontroles: 25-09-2007 - 25-09-2007).
  • Inventarisatie Gent (geografische inventarisatie: 01-01-1976 - 31-12-1983).

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Mechanische spinnerij

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

Beschrijving

Nummer 127. Zogenaamd UCO-Diensten, voorheen weverij Florida. Het bedrijf ontstond uit een mechanische spinnerij welke tijdens het eerste kwart van de 19de eeuw (aanvraag tot plaatsing van een stoommachine: 1820) door Karel en Lodewijk de Hemptinne opgericht werd. Van het oorspronkelijke gedeelte blijven geen zichtbare resten meer over, en de oudste constructie dateert vanaf midden 19de eeuw. In 1865 omgevormd tot weverij (waarbij echter steeds een kleine spinnerij bleef bestaan ten zuiden van de huidige toegang, doch thans eveneens verdwenen).

Vanaf circa 1880 sargiën-weverij N.V. Florida. Het oudste gedeelte (A: 1851 en B: 1865, met duidelijke bouwnaad tussen beide) paalt aan de Molenaarsstraat, en deed dienst als weverij (508 weefgetouwen op deze oppervlakte in 1878). Baksteenbouw van één bouwlaag, tweeëntwintig traveeën, onder raekemdaken, met verankerde gevel op gecementeerde plint; industriële boogramen met ijzeren roedeverdeling, op hardstenen dorpels, welke op twee consoles rusten. Raekemdaken op metalen spanten en laatst genoemde rusten via ijzeren I-balk op 1kolommen; deze constructie werd waarschijnlijk tussen de twee wereldoorlogen volledig vernieuwd.

De gebouwen aan westzijde van het terrein, palend aan de Lieve (C-G), kwamen tussen 1894 en 1910 tot stand. Constructies van twee bouwlagen en blinde zolderverdieping, onder aanleunende zadeldaken. Westgevel geritmeerd door venstertravee in verdiepte steekboognissen, waartussen lisenen; openingen onder strekse boog, met ijzeren roedeverdeling en hardstenen dorpels. Zolderverdieping gemarkeerd door blinde verdiepte gevelnissen, bekroond met boogfries. De bouwfasen 1894-97, 1903-05 en 1910 (vooral de twee laatst genoemde) zijn duidelijk van elkaar te onderscheiden door een verschil in baksteentinten, en een lichte verticale bouwnaad. Aan de oostzijde (gevels aan binnenkoer) valt het verschil in de uitwerking der vensteropeningen op: getoogde openingen op hardstenen dorpels (1894-97); rechthoekige openingen onder geklonken I-ligger (1903); rechthoekige openingen onder I-balk met rozetten als latei, in rechthoekige verdiepte vensternissen bekroond door dubbele overhoekse muizentand.

Op de begane grond werd in al deze delen gebruik gemaakt van opgespannen troggewelven tussen ijzeren I-balken, via I-balk rustend op gietijzeren kolommen met door ribben ondersteunde kopplaat. In de huidige timmermanswerkplaats en het aansluitende magazijn (G) gaan deze kolommen doorheen de gewelflaag en worden ze door moerbouten op en met elkaar verbonden, waarbij telkens het ijzeren moerbint en een I-balk der troggewelfjes omspannen wordt. In de andere delen wordt enkel het moerbint omspannen.

Op de verdieping uit de 20ste eeuw loopt een kolommenrij op twee door, om een minder belaste troggewelfconstructie volgens eenzelfde schema te ondersteunen. Vloer tussen de tweede bouwlaag en de zolderverdieping van C(1) en D(1) rust, via een houten moerbalk op een houten slof, welke op de kopplaat der gietijzeren kolommen rust en door middel van de opstaande randen hierop vastgezet werd. Om onduidelijke reden werd de houten moerbalk in de derde beuk (huidige circulatiegang) echter.ab inito?.vervangen door een ijzeren I-balk.

De huidige was- en kleedlokalen en refter (G) bezitten eenzelfde gevelordonnantie en binnenconstructie als de oostzijde van G, doch zonder zichtbare verankering; onderkelderd (overspannen door brede troggewelven tussen I-balken, rustend op in zijn midden door één gietijzeren kolom ondersteunde I-balk); troggewelven in de refter onlangs vervangen door een vlakke bekleding. Blok H. zijn recentere burelen (1953), opgetrokken op de plaats van het vroegere machine- en ketelhuis.

  • Kadaster Gent, mutatieregisters.

Bron: Bogaert C., Lanclus K. & Verbeeck M. met medewerking van Linters A. 1979: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Stad Gent,  Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 4NB N-O, Brussel - Gent.

Auteurs: Bogaert, Chris; Lanclus, Kathleen & Verbeeck, Mieke

Datum tekst: 1979

Relaties

maakt deel uit van Molenaarsstraat

Molenaarsstraat (Gent)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.