Priorij Onze-Lieve-Vrouw-ten-Hove

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Alternatieve naam Onzer Vrouwenhove; Kloostergoed; Rattenkasteel
Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Waarschoot
Deelgemeente Waarschoot
Straat Kapellestraat
Locatie Kapellestraat zonder nummer, Waarschoot (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Waarschoot (adrescontroles: 22-01-2008 - 22-01-2008).
  • Inventarisatie Waarschoot (geografische inventarisatie: 01-01-1994 - 31-12-1994).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Priorshuis van de priorij Onze-Lieve-Vrouw-ten-Hove

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is deel van de bescherming als monument Priorij Onze-Lieve-Vrouw-ten-Hove

Deze bescherming is geldig sinds 10-11-1995.

Beschrijving

Voormalig priorshuis van de Priorij Onze-Lieve-Vrouw-ten-Hove, ook zogenaamd "Onzer Vrouwenhove", "Kloostergoed" of recenter "Rattenkasteel". Laatste overblijfsel van het voormalige klooster, gesticht in 1444 door de Gentse patriciër en baljuw van Eeklo, Simoen Utenhove en zijn echtgenote Margriete sBusers, vrouw van Bassevelde, op hun goed in de Waarschootse bossen. Zeven monniken van het Gemene Leven uit Warmond (Nederland) kwamen de nieuwe priorij bedienen. Eerste wijding der gebouwen in 1448. In 1449, opgenomen in de orde der Cisterciënzers en toetreding van Simoen Utenhove tot deze orde als lekebroeder. Vernieling door de doortrekkende Franse troepen in 1499 en heropbouw onder prior H. Variaers (1489-1504) die het klooster liet omsluiten door wallen, hagen en een poort. De gemeenschap behield een bescheiden karakter. Het kloosterdomein, voornamelijk te Waarschoot geconcentreerd, bestond uit de fondatie goederen van de stichter, aangekochte en later geschonken goederen, 100 hectare bos en drie belangrijke landbouwuitbatingen: het eigenlijke kloostergoed, het neerhof (het oorspronkelijke goed te Diependale) en de hoeve Koudekeuken, verder het Schaperijgoed te Eeklo en uitgestrekte heidegronden te Lembeke.

Eind 15de eeuw oprichting van een Latijnse school, toneel- en zanggezelschap. Heropbouw van klooster en kerk verder gezet vanaf 1513 onder leiding van prior J. Fernier. Plundering en verwoesting van het klooster in 1578-81 door de Calvinisten en afhankelijk gemaakt van de abdij van Baudelo. Moeilijke heropbouw en uiteindelijke verhuis naar Gent (Ekkergem) vanaf 1649 met verkoop van inboedel en dieren van het neerhof. Slopen van de puinen van het klooster en herstel van het priorshuis dat als uitbatingscentrum van hun gronden en bossen en als buitenverblijf behouden bleef.

Landbouwexploitatie op de kloostergronden, aangevat in 1712, verpachting van het domein onder prior Mathieu, doch mislukt en stopgezet in 1729. Nieuw pachterswoning (confer nummer 53) gebouwd circa 1753 op de grondvesten van de vroegere kerk, in 1767 uitgebreid met nieuwe stallen en schuur, volgens memorieboek met ter plaatse gebakken stenen; ook bouw van een boswachterswoning op de hoek met Jagerpad (nummer 96). Laatste verbouwingen aan het priorshuis na de onlusten van 1789-90 onder prior L. Wauters. Voornamelijk verrijking van het interieur en bijbouwen van een keuken en paardenstal in het zuidoosten. Opheffing van het klooster in 1796 en door de Franse bezetters openbaar verkocht in 1797.

Thans nog deels omgracht domein met aan de straat een pijlerkapelletje, gebouwd in 1944 door de familie Vereecke ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van Vrede. Gewitte bakstenen pijler onder zadeldakje met spitsboognis met Onze-Lieve-Vrouwebeeldje en bekronend bakstenen kruis.

Achterin, nok loodrecht op de straat ingeplant resterende ruïne van het voormalige priorshuis, opgetrokken uit baksteen (voorheen gewit) en in kern teruggaand tot 15de eeuw, 16de tot 17de eeuw en 18de eeuw. Best bewaarde Noordelijk deel met voortrapgevel (8 treden, ontbrekend topstuk), gewelfje kelderverdieping en twee bouwlagen onder zadeldak (pannen, nok parallel met de straat), opklimmend tot de eerste helft van de 15de eeuw. Dikke muren op de hoeken gestut door zware steunberen. Kelderdeur in noordoostelijke hoek. Sporen van gedichte vensters op de verhoogde begane grond en twee bewaarde vensteropeningen op de bovenverdieping (houtwerk verdwenen). Vrijstaande rechter zijgevel van drie traveeën aangegeven door grote ankers, op de hoeken eveneens gestut door brede versneden steunberen. Rechthoekige vensteropeningen (houtwerk verdwenen) en twee vierkante keldergaten.

Links aansluitend, vooruitspringend gedeelte, heropgebouwd na vernielingen in 1580 en opnieuw in 1650 na de verhuis van de priorij naar Gent en slopen van het eigenlijke klooster. Oorspronkelijk brede voorpuntgevel met vlechtingen en topstuk, thans grotendeels vernield, met behouden deur rechts en houten kruiskozijn; twee dito kruiskozijnen op de bovenverdieping en één behouden korfboogvenstertje rechts in geveltop. Oorspronkelijk voor de linkse travee uitspringend gedeelte van de vroegere kapel, thans met uitzondering van de linker muur volledig ingestort. Kelderverdieping met centrale zuil. Achtergevel met deels behouden rechthoekige vensters (oorspronkelijk kruiskozijnen) met zandstenen lateien, hoekblokken met sponning, duimen en ontlastingsbogen. Zuidoostzijde met keuken en paardenstallen toegevoegd eind 18de eeuw onder mansardedak, thans volledig ingestort; zichtbare korfboogdeuropening in linker travee. Achtergevel van zes + twee traveeën gestut door zware steunberen met twee bouwlagen onder schilddak, voorzien van rechthoekige vensters (deels gedicht).

Onderkelderd noordelijk en centraal gedeelte met respectievelijk twee kleine kelders met tongewelven en een grote gewelfde kelder met centrale natuurstenen zuil (recuperatiemateriaal) op achthoekige basis, met later aangebrachte inscripties op de gewelfkappen.

18de-eeuwse stucversieringen op schouwen en plafonds grotendeels verdwenen.

  • Rijksarchief Gent, Kaarten en plans, nr. 1868.
  • Rijksarchief Gent, Handschriftenzaal, nr. Hs 1287.
  • DE POTTER F. - BROECKAERT J., Geschiedenis van de gemeenten der provincie Oost-Vlaanderen, reeks I, deel 7, Gent, 1864-70, p. 76-101.
  • DE VOS A., Geschiedenis van Waarschoot, Waarschoot, 1990, deel I, p. 235-251.
  • DE VOS A., Prieuré de Notre-Dame Ten Hove à Waarschoot plus tard à Gand, in Monasticon Belge, Tome VII, Province de la Flandre Orientale, 3, Liège, 1980, p. 271.
  • TONDAT R., Bouwkundig erfgoed te Waarschoot, Maldegem, 1978, p. 188-196.

Bron: Bogaert C., Lanclus K. & Verbeeck M. 1994: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Gent, Kantons Waarschoot - Zomergem, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 12N5, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Bogaert, Chris; Lanclus, Kathleen & Verbeeck, Mieke

Datum tekst: 1994

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Kapellestraat

Kapellestraat (Waarschoot)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.