Kapel Onze-Lieve-Vrouw van Rust

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Alternatieve naam Deusterkapel
Provincie Limburg
Gemeente Peer
Deelgemeente Peer
Straat Deusterstraat
Locatie Deusterstraat zonder nummer, Peer (Limburg)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Peer (adrescontroles: 12-11-2007 - 12-11-2007).
  • Inventarisatie Peer (geografische inventarisatie: 01-01-2005 - 31-12-2005).
  • Project beschermingsdatabank 2013-2016 (beschermingen: 01-01-2013 - 30-06-2016).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Kapel Onze-Lieve-Vrouw van Rust

Deze vaststelling is geldig sinds 01-02-2018.

is beschermd als cultuurhistorisch landschap Kapel Onze-Lieve-Vrouw-van-Rust en omgeving

Deze bescherming is geldig sinds 12-07-1951.

omvat de bescherming als monument Kapel Onze-Lieve-Vrouw-van-Rust
gelegen te Deusterstraat zonder nummer (Peer)

Deze bescherming is geldig sinds 12-07-1951.

Beschrijving

Kapel Onze-Lieve-Vrouw van Rust of Deusterkapel werd opgericht in de tweede helft van de 17de eeuw. De geschiedenis van de kapel is verweven met een kluizenarij en een rijke bedevaarttraditie.

Historiek

Oprichting

Over de oprichting van de kapel bestaat in de literatuur enige onenigheid. Volgens sommigen werd de kapel opgericht in 1660. Dat jaartal zou immers in een muur gebeiteld zijn. Deze steen werd echter niet teruggevonden en is wellicht bij de latere verbouwing verloren gegaan. Volgens anderen werd de kapel gesticht in 1687 door Petrus Moors (1660-1703). Moors koesterde een grote Mariaverering en bracht, volgens de overlevering, een Onze-Lieve-Vrouwebeeldje dat in een lindeboom hing, onder in een kapel.

Naamgeving

De naam ‘Deusterkapel’ verwijst naar ‘Oestervelt’, een veld gelegen in het oosten van Peer dat van 1479 tot 1585 in de kerkrekeningen en later ook in de gedichtenboeken vermeld werd. De naam ‘Deust’ verwijst volgens Lauwers (1990) eventueel naar een wat hoger gelegen terrein begroeid met kreupelhout, heesters en bos.

De kapel wordt ook Onze-Lieve-Vrouw van Rustkapel genoemd. Aanvankelijk was de kapel toegewijd aan Maria’s Hemelvaart, later aan Onze-Lieve-Vrouw van Altijddurende Bijstand en aan Onze-Lieve-Vrouw van Rust.

18de eeuw

In 1717 werd de kapel naar het westen toe uitgebreid. Mogelijk gebeurde dat door Jan Moors (1647-1720), de oudere broer van stichter Petrus. De oorzaken van de vergroting kunnen velerlei zijn; de groeiende Mariaverering in Peer, de herdekensmarkt die op tweede Paasdag en tweede Pinksterdag doorging te Deust en de aanwezigheid van een heden verdwenen kluizenarij bij de kapel.

Van omstreeks 1700 tot omstreeks 1860 onderhield een kluizenaar het bedehuis. Buiten bidden en werken in de tuin, verschafte hij tevens onderricht aan de kinderen uit de omgeving. Hij stond ook de priesters bij die er de mis kwamen lezen. De kluis van de geestelijke leunde tegen de zuidelijk muur van het schip aan, hetgeen de anomalie van de vensters aan die kant verklaart.

Eeuwenlang ging men naar Deust op bedevaart, niet alleen voor het vee, maar ook om een geliefde te bekomen. Vooral op Paasmaandag werd de kapel druk bezocht. Op Pinkstermaandag vond nog tot in 1991 de kleinveemarkt plaats rond de kapel. Op 7 mei of 7 augustus 1732 verleende paus Clemens XII een volle aflaat aan de bezoekers van de kapel die op speciale wijze de Heilige Maagd kwamen vereren.

In 1735 werden kapel en kluis eigendom van de parochie. Op de Ferrariskaart (1771-1777) wordt het bedehuis ’C C[hape]lle N: D: Deust’ genoemd en aangeduid met een losstaand, langgestrekt pand ten zuidwesten. Mogelijk gaat het om de voormalige kluizenarij die echter volgens literatuurbron was aangebouwd. In 1782 werden herstellingswerken uitgevoerd aan het dak van de kluizenarij en werden twee grote ramen in het koor geplaatst.

Tijdens de Franse Revolutie vonden er geen diensten plaats in de kapel. Daartegenover staat dat de kapel toen niet werd ontheiligd. In september 1794 kampeerden 10 000 Franse soldaten in de omgeving. Op 24 januari 1799 werden de dakruiter en het kruis van de kapel verwijderd.

19de eeuw

In de Atlas van de Buurtwegen (1845) wordt het bedehuis Chapelle Deuster kapel genoemd en is de mogelijke kluizenarij uitgebreid met een kleiner element ten noordwesten. Zowel op de Atlas van de Buurtwegen als op de Ferrariskaart loopt er ter hoogte van de kapel een veldweg, evenwijdig aan de Deusterstraat.

De kapel werd eigendom van de gemeente. Omstreeks 1860 werd de kluis afgebroken. Met het afbraakmateriaal werd een kleine woning gebouwd die op haar beurt terug verdween.

20ste eeuw

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het klokje van de kapel voor een jaar verborgen en in 1945 terug opgehangen. In 1970 werd het merendeel van het mobilair overgebracht naar de hoofdkerk en de dekenij.

In 1974 was er voor het eerst aanknoping bij de even verloren gegane traditie. In dat jaar vond namelijk het ‘Deustival’, een jaarlijks feestelijk gebeuren met onder meer volksmuziek en veemarkt plaats. Ook andere festivals zagen het licht. In 1982 werd de kapel gerestaureerd naar ontwerp van de architecten J. Spaas uit Sint-Huibrechts-Lille en P. Wellens uit Peer. Vanaf 1987 vinden er dierenwijdingen plaats bij de kapel. Omstreeks 1990 wordt het beeld van Onze-Lieve-Vrouw boven de ingangsdeur gestolen. In 1998-1999 en 2000-2001 werden onderhoudswerken uitgevoerd.

Beschrijving

Exterieur

De kapel ligt wat naar achter ten opzichte van de straat en wordt beschaduwd door zeven linden. Vooraan in de kapel van veldkeien voorzien.

Het betreft een georiënteerd, traditioneel gebouw met laatgotische en barokke elementen. De kapel telt één travee en een inspringend koor van één rechte travee en driezijdige koorsluiting. Het verspringende leien zadeldak is voorzien van geprofileerde daklijstbalkjes, een ingesnoerde naaldspits, een bekronend ijzeren kruis en een zeszijdig, oostelijk dakruitertje. Het schip vertoont onversneden overhoekse steunberen tussen aandaken met vlechtingen, top- en schouderstukken. In 1717 werd het schip naar het westen toe vergroot.

Het bakstenen gebouw is verankerd met gewone en X-vormige ankers met gekrulde spie. Volgens een oude prentkaart van omstreeks 1940 waren de zijgevels eertijds gecementeerd. Er is gebruik gemaakt van mergel voor de muurbanden van de westelijk puntgevel. Die gevel is afgewerkt met schouderstukken met stermotief en hoek- en negblokken. Voor de getoogde barokke vensters, daterend uit 1782, werd gebruik gemaakt van hardsteen in de vlakke omlijstingen. Deze zijn verrijkt met een sluitsteen onder een korte druiplijst in het koor.

Het portaal in de westgevel is verankerd en korfboogvormig. De boog is opgebouwd uit een dubbele rollaag en een platte laag. Het houtwerk en het ijzerbeslag bleef bewaard. Het portaal wordt geflankeerd door een getoogd venstertje. Het geheel is bekroond door twee rondboogvensters met een overhoekse muizentand, ongeveer ter hoogte van de lekdrempels. Centraal is er nog een rechthoekige nis met daarin een beschilderd gipsen Onze-Lieve-Vrouwebeeldje. Daarboven bevindt zich een mergelstenen gevelsteen met inscriptie “A 1717 O”.

De zijgevels hebben telkens één spitsboogvenstertje in een geprofileerde omlijsting. De oostelijke puntgevel heeft een rondboogvenstertje in de geveltop. Lager wordt het koor afgelijnd door middel van een overhoekse muizentand. Aan elke zijde van het koor bevindt zich een betralied venster in barokstijl.

Interieur

Het interieur van de kapel is bepleister en wit beschilderd. Het stergewelf wordt gekenmerkt door geprofileerde mergelstenen ribben. De triomfboog is rondboogvormig en het koor heeft een licht gebogen zoldering op een geprofileerde lijst.

Het oorspronkelijk mobilair hangt grotendeels in de kerk van Peer. Het huidige mobilair van de kapel bestaat uit: een reproductie van het verdwenen oorspronkelijk paneel met de voorstelling van Onze-Lieve-Vrouw met het Jezuskind, door Carlo Dolcii; een niet oorspronkelijke, beschilderde ijzeren Christusfiguur op houten kruis onder een afdak tegen de zuidelijke kant van het koor; gipsen beelden van Onze-Lieve-Vrouw en het Heilig Hart;

Barokke portiekaltaren, hoofdaltaar van gemarmerd hout uit het derde kwart van de 17de eeuw, zijaltaren uit het eerste kwart van de 18de eeuw, waarvan één gewijd aan Sint-Hyacinthus, een classicistische, eiken communiebank uit het eerste kwart van de 18de eeuw, een orgeltribune met houten balustrade, een viertal eiken kerkbanken uit de 18de en het begin van de 19de eeuw, en een smeedijzeren offerblok uit het begin van de 18de eeuw.

Omgeving

Op de Ferrariskaart (1770-1778) wordt de omgeving van de kapel aangegeven als door bomen omzoomde gras- en akkerlandpercelen. Ook nu nog ligt de kapel in een open landschap met bomen die de zone begrenzen.

Mogelijk bevinden zich binnen de afbakening van het landschap ook enkele (pre?)Romeinse grafheuvels.

  • PAUWELS D. 2005: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Maaseik, Kanton Peer, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 19N3, Brussel – Turnhout, p.211-214.
  • Kabinetskaart van de Oostenrijkse Nederlanden van Jozef Jean François de Ferraris, opgesteld tussen 1770-1778, schaal 1:11.520.
  • Centrale Archeologische Inventaris, CAI ID 60049 Kloosterbos.

Bron: -

Auteurs: Pauwels, Dirk

Datum tekst: 2005

Alle teksten

Relaties

maakt deel uit van Peer

Peer (Peer)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.