erfgoedobject

Parochiekerk Heilige Familie

bouwkundig element
ID
201252
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/201252

Juridische gevolgen

Beschrijving

Parochiekerk in modernistische stijl, minstens vanaf 1959 ontworpen door de architect Adrien Bressers, en opgetrokken in 1968-1969. Het gebouw is vrijstaand ingeplant op de hoek van de Sint-Bernardsesteenweg en de Salesianenlaan, palend aan het schoolcomplex van het Technisch Instituut Don Bosco.

Historiek en context

Opgericht in 1944 en gevestigd in het zuidoosten van deze vroegere gemeente, is de Heilige Familieparochie de jongste van de vier parochies in Hoboken. De zorg van de nieuwe parochie werd toevertrouwd aan de congregatie van de Heilige Franciscus van Sales, beter bekend als de paters salesianen van Don Bosco, die hier in de wijk Stuyvenberg vanaf 1946 ook het Technisch Instituut Don Bosco uitbouwden. Een voormalige bakkerij in de Windmolenstraat deed tot 1948 dienst als eerste kerk, waarna de kapel van het nieuwe Technisch Instituut in gebruik kon worden genomen. In 1958 verhuisden de kerkdiensten vervolgens naar de lagere meisjesschool aan de Sint-Bernardsesteenweg.

Kort daarna kwam een eerste voorontwerp voor de nieuwe kerk tot stand, opgemaakt door architect Adrien Bressers op basis van een onregelmatige, octogonale plattegrond. Het werd in november 1959 ter goedkeuring voorgelegd aan de Diocesane Commissie van het Aartsbisdom Mechelen, en in februari 1960 voor preadvies aan de gemeente Hoboken. De Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen bracht in 1961 een ongunstig advies uit, met als argumentatie dat de architectuur niet kerkelijk genoeg was en te gezocht overkwam, daarbij pleitend voor meer soberheid en eenvoud.

Hoewel de definitieve plannen al uit 1962 dateren, werd de bouw pas in 1968 aangevat, met als aannemer de Algemene Ondernemingen Fl. D’Hulst uit Lier. De eerste steen van de kerk in aanbouw werd op 6 april 1968 gewijd door Monseigneur Cyriel Eykens, vicaris-generaal van het bisdom Antwerpen. Op 7 juni 1969 kon de voltooide Heilige Familiekerk plechtig worden ingezegend door de bisschop van Antwerpen, Monseigneur Jules Victor Daem. Parochiepriester tijdens de duur van deze bouwcampagne was Leopold Van Grieken (1960-1973).

De Heilige Familiekerk behoort tot het late werk van Adrien Bressers, die zich omstreeks 1925 als zelfstandig architect vestigde. Opgeleid aan de Gentse Sint-Lucasschool realiseerde hij tijdens zijn lange loopbaan een indrukwekkend oeuvre nieuwbouwkerken, dat de evolutie van het denken over religieuze architectuur aan dit instituut belichaamt. Daarnaast ontplooide Bressers in de naoorlogse periode een belangrijke praktijk als restauratiearchitect, met een groot aantal kerken in de provincie Oost-Vlaanderen op zijn actief. In zijn vroege werk toonde de architect zich een aanhanger van de Liturgische Beweging die naar vernieuwing van de religieuze kunst en architectuur streefde, zoals blijkt uit de art-decokapel van het Sint-Jozefsinstituut in Wetteren.

Vanaf eind jaren 1930 tot diep in de jaren 1950 onderging zijn kerkelijke architectuur de invloed van het traditionalisme van de Nederlandse architect Alexander Kropholler en de Delftse School. Belangrijke voorbeelden van deze strekking die de Vlaamse kerkenbouw in de jaren 1950 domineerde, zijn de Sint-Annakerk in Lokeren en de Heilige Johannes Boscokerk in Sint-Niklaas.

Pas in de jaren 1960 evolueerde Bressers naar een eigentijdse, brutalistische vormentaal, waarvan de Heilige Familiekerk als meest uitgesproken voorbeeld kan worden aanzien. De Christus Koningkerk in Gent die hij in dezelfde periode samen met de architect Jean Gilson naar aanleiding van het 65-jarig bestaan van de Christelijke vakbeweging tot stand bracht, is dan weer klassieker van opzet, eerder verwant aan de Bossche School van Dom Hans van der Laan. Het ontwerp van de Heilige Familiekerk uit 1962 werd niet volledig uitgevoerd: de winter- of weekkapel die aan de westzijde tegen de kerk aanleunde verviel, evenals het orgel- en koordoksaal tegen de oostwand van de kerk. Hoewel geconcipieerd in navolging van de preconciliaire liturgievereisten, kwam de Heilige Familiekerk reeds in grote mate tegemoet aan de typologische vernieuwingen die na het Tweede Vaticaans Concilie ingang zouden vinden in de kerkenbouw. Voor de paters salesianen had Bressers eind jaren 1930 al een retraitehuis in Groot-Bijgaarden gerealiseerd.

Dominant aanwezig en bepalend voor de sfeer, het uitzicht en het ruimtelijk gevoel van de Heilige Familiekerk, is de indrukwekkende reeks figuratieve glas-in-loodramen door de Aalsterse glazeniers Achiel en Theo Meersman, dat dankzij giften samen met de bouw van de kerk stand kwam in 1969. Naar omvang, stijl en voorstelling zijn deze ramen vergelijkbaar met het ensemble dat het atelier Meersman tien jaar later realiseerde voor de Sint-Jan Evangelistkerk in Beveren. In Hoboken worden de glas-in-loodramen ondersteund door een ensemble overwegend abstracte glas-in-betonramen door de glazenier Lionel Holvoet uit Wevelgem. Beide reeksen herleiden de architectuur tot een translucide schil van kleur en licht.

Architectuur

De Heilige Familiekerk verheft zich op een kruispunt van een drukke verkeersader, van de rijweg gescheiden door een voorplein met oprijlaan en parking, en omringd door schoolgebouwen. Met het koor georiënteerd naar het Noorden, bevindt het hoofdportaal zich aan de westzijde parallel met de Sint-Bernardsesteenweg. Aanleunend bij het portaal en vooruitgeschoven richting de hoek van beide straten, vervult de klokkentoren een krachtige signaalfunctie. Het hoofdvolume van de kerk heeft de vorm van een trapezium met een geknikte korte zijde. Lagere vleugels omvatten aan de west- en zuidzijde het hoofdportaal voorafgegaan door een open atrium, de biechtgang en de oorspronkelijke doopkapel, en aan oostzijde het zijportaal, een lokaal voor misdienaars, de sacristie en een vergaderzaal die vandaag als weekkapel wordt gebruikt. De niet gebouwde winter- of weekkapel zou aan de westzijde, ter breedte van atrium en hoofdportaal, de volledige diepte van het hoofdvolume beslaan.

De constructie van kerk en klokkentoren berust op een structuur uit gewapend beton. Deze is ingevuld met baksteenmetselwerk uit beige handvormsteen op een arduinen plint, en afgewerkt met een kroonlijst uit geprefabriceerde betonplaten, de laatste als goedkoper alternatief voor de oorspronkelijk geplande natuursteen. De portaalwanden onderscheiden zich door metselwerk van een afwijkende kleur in een decoratief verband, daar waar de bouwplannen een parement van gekloven natuursteen vermelden. Geprefabriceerde betonnen liggers vormen de dakconstructie, die de grote liturgische ruimte zonder steunpunten overspant. De klokkentoren is opgevat als een open betonnen tripode met een drieledige klokkenstoel in de top, uitlopend in een kruis. De glas-in-loodramen zijn gevat in metalen schrijnwerk met een geometrisch patroon; deuren uit tropisch hardhout sluiten de toegangen af.

Ondanks zijn grootse afmetingen beantwoordt de Heilige Familiekerk aan de typologie van de gemeenschapskerk, gekenmerkt door een vrij, niet hiërarchisch ruimteconcept dat verbondenheid en maximale participatie van de gelovigen beoogt. De centrale, alom zichtbare positie van het altaar, hoewel hier nog opgevat als een op een trappenpodium geplaatst hoogaltaar, bepaalt het ontwerp van de trapeziumvormige liturgische ruimte. Volgens de bouwplannen was de capaciteit berekend op 672 zitplaatsen, met nog eens 70 zitplaatsen voor de niet gebouwde winter- of weekkapel. Een pijlergalerij aan de zuidzijde fungeert als verbindingsgang tussen het hoofdportaal en de oorspronkelijke doopkapel, met integratie van de biechtstoelen. Zoals bij het exterieur contrasteert in het interieur het zichtbeton van de structuur met het baksteenmetselwerk uit handvormsteen van het wandparement. De kerkvloer is uitgevoerd in geelkleurig granito; een zaagtandzoldering met geïntegreerde verlichting verbergt de balkenstructuur van het dak.

Aan het preconciliaire priesterkoor herinnert het meerledige, met roomkleurig marmer beklede trappenpodium van het hoogaltaar, dat tegen een hoge voorzetwand is geplaatst. Deze laatste onderscheidt zich zoals de portalen door baksteenmetselwerk van een donkere tint in een decoratief verband. Ten opzichte van de bouwplannen, die een zigzag geplooid wandprofiel voorzien waarboven drie lichtkoepels, is de uitvoering vereenvoudigd. Tot de oorspronkelijke inrichting behoren de sober vormgegeven monolithische altaartafel, ambo, en doopvont uit gepolijst beton (?), het metalen tabernakel, en het houten wandkruis. Oorspronkelijk bedoeld voor de hoogste trede, werd het hoogaltaar naar aanleiding van de postconciliaire liturgische vernieuwingen verplaatst naar de middelste trede. Om dezelfde reden staat de doopvont vandaag naast het koorpodium opgesteld, in plaats van in de voorziene doopkapel. Voor het orgel dat nu tegen de oostwand aanleunt, werd in de bouwplannen een doksaal met ruimte voor het kerkkoor voorzien, zoals de tegenoverliggende westwand verlicht door glas-in-loodramen en bereikbaar via een open wenteltrap.

Glasramen

Het bijzonder kleurrijke ensemble glasramen van de Heilige Familiekerk omvat de reeks figuratieve glas-in-loodramen naar ontwerp van Achiel Meersman en uitgevoerd door Theo Meersman gedateerd 1969, en een reeks overwegend abstracte glas-in-betonramen door Lionel Holvoet. Het definitieve ontwerp van de kerk door Adrien Bressers uit 1962 voorzag in het kerkschip - met uitzondering van de koorwand - een quasi over de volle breedte doorlopende beglazing in het bovenste register, waarbij in de oostwand de onderbreking voor het orgel werd gecompenseerd door een raam over de volledige hoogte bij het koor. Voor het hoofdportaal, de doop- en de winterkapel tekende hij glas-in-betonmuren, en voor de biechtgang een fries in dezelfde techniek.

In de uitgevoerde kerk beslaan de glas-in-loodramen van het atelier Meersman het bovenste register van de west- en de zuidwand, daar waar de glas-in-betonramen door Holvoet het grote koorraam in de oostwand, de wanden van het hoofdportaal en de doopkapel, en de fries van de biechtgang omvatten. Het uit vier vakken bestaande glas-in-loodraam in de westwand verbeeldt de Aanbidding van de Eucharistie door de volkeren van de wereld. Samengesteld uit negen vakken verbeeldt het grote raam van de zuidwand in drie taferelen de Aanbidding van Kristus met verwijzingen enerzijds naar de scheepswerven van Hoboken en anderzijds naar het Hemelse Jeruzalem. Tegen een blauwe achtergrond vertoont de expressionistische figuratie een breed kleurenspectrum van rood, geel, oranje, paars, bruin en groen, in tonaliteiten van licht naar donker. Met uitzondering van het grote koorraam dat de Heilige Familie voorstelt, zijn de glas-in-betonramen volkomen abstract van aard, met zowel contrastrijke kleurpartijen in overwegen geel, oranje, rood en paars als degraderende of monochrome partijen in wit, grijs of blauw. Technisch bestaan de ramen uit kleine verlijmde glasmozaïeksteentjes van een gedempte transluciditeit, volgens organische patronen gegoten in beton, dat zwart werd geschilderd.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossier 1006#14158.
  • VAN HOUWENHOVE, M. 1994: Vijftig jaar Parochie Heilige Familie Don Bosco Hoboken 1944-1994, Hoboken.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2013


Relaties


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Parochiekerk Heilige Familie [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/201252 (Geraadpleegd op 13-04-2021)