is aangeduid als beschermd stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Hof te Schiebeek met omgeving
Deze bescherming is geldig sinds
omvat de aanduiding als vastgesteld bouwkundig erfgoed Hof te Schiebeek
Deze vaststelling is geldig sinds
omvat de aanduiding als beschermd monument Hof te Schiebeek
Deze bescherming is geldig sinds
omvat de aanduiding als vastgesteld bouwkundig erfgoed Gesloten hoeve Hof te Schiebeek
Deze vaststelling was geldig van tot
Het toponiem ‘Schiebeek’ duidde in oorsprong enkel op de grens tussen Herne en Tollembeek die door de Schiebeek werd gevormd, maar evolueerde volgens R. Billiet al vroeg tot de naam voor het gehucht. De oudste vermelding dateert uit 1219. De historische hoeve Hof te Schiebeek, gelegen op het grondgebied van Herne, was in oorsprong afhankelijk van het plaatselijk kartuizerklooster. Achter de hoeve aan de overzijde van de beek lag een watermolen, naar verluidt eertijds eveneens afhankelijk van het kartuizerklooster. Deze banmolen behoorde aan de heren van Edingen toe. Het pachtcontract uit 1259 vermeldt de banaliteit voor de vier dorpen Herne, Tollembeek, Vollezele en Herfelingen, aan wiens grenzen hij was gelegen. Na een brand in 1884 werd de molen niet meer heropgebouwd maar het gebouw heeft nog een oudere kern deels uit zandsteen.
Het goed werd in 1975 geïnventariseerd. De toenmalige beschrijving vermeldt het volgende:
Zogenaamd Hof te Schiebeek, eerste vermelding in 1350. In zijn huidige vorm, een gesloten hoeve met geplaveide binnenplaats, daterend uit het laatste kwart van de 18de eeuw. Ten oosten, poortgebouw met zandstenen rondbooginrijpoort en duifhuis, gedateerd 1785 door jaarankers. Linkerbijgebouw met muizentand, gedateerd 1822 door verankering. Ten noorden het boerenhuis van vijf traveeën met anderhalve verdieping en twee van twee verdiepingen voorzien van rechthoekige muuropeningen, een laadvenster en een klokkenruiter op het pannen zadeldak.
Koestal met muizentandfries en troggewelven en een tweede inrit opgenomen in de vleugel. Tegenover het poortgebouw de langsschuur, waarvan de oudere kern aangegeven wordt door de sterk uitspringende bakstenen plint en door een zandstenen steekboogdeurtje met een naar Henegouwse wijze alternerende bak- en zandstenen latei. Op een gevelsteen met ploeg en eg staat 17 BIW 92. Buiten de binnenplaats, een tweede oudere schuur in stijl- en regelwerk met baksteenvulling en wolfsdak. Vroegere brouwerij met ingemetselde steen van 1652. Links van de tweede inrit, twee arduinen hekpijlers met vaasbekroning, daterend uit de 18de eeuw.
Ten noordoosten van de hoeve lag in de 18de eeuw een reeks vijvers (Grote, Nieuwe en Kwade vijver) waar de kartuizers hun karpers kweekten. Langs de beek lagen op beide oevers natte graslanden. In de 19de eeuw werden de vijvers omgezet in grasland en in de eerste helft van de 20ste eeuw omgevormd naar bos. Op de rechteroever werden de graslanden omgevormd naar weiland. Verschillende voetwegen leidden in de 19de eeuw naar de watermolen en de oversteek op de beek.
Een deel van de weilanden rond de hoeve aan de straatkant is afgezet met hagen. Rondom de hoeve is het agrarisch landschap bewaard gebleven evenals het valleitje en de Schiebeek. Ten zuiden van de hoeve loopt in het verlengde van de Gessereyendries een onverharde voetweg die parallel met de Schiebeek naar Tollembeek leidt.
Auteurs: Verdurmen, Inge; Van der Veken, Bert; Declercq, Daan
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)