erfgoedobject

De gulden Bock

bouwkundig element
ID: 4447   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/4447

Juridische gevolgen

Beschrijving

Traditioneel diephuis genaamd “de gulden Bock” (1534), van vijf traveeën en twee bouwlagen onder een zadeldak (nok loodrecht op de straat, pannen). De trapgevel draagt een gevelsteen met het bouwjaar 1591. Het pand is minstens vanaf het tweede kwart van de 19de eeuw opgedeeld in twee woningen. Stukadoor en 'cabaretier Jean Baptiste Simons liet in 1843 in het rechter pand de drie vensters van de eerste en het middenvenster van de tweede verdieping aanpassen. Winkelier Henri Peeters paste in 1847 de pui van het linkerpand aan, waarbij de oorspronkelijke rondboogdeur verdween. Geens-Peeters verving in 1862 de pui van beide panden door twee klassieke, gekoppelde winkelpuien met middenportaal. Later dat jaar volgde in het linker pand de aanpassing van het kruiskozijn op de tweede verdieping. De huidige winkelpui van het linker pand werd in opdracht van Rubbens aangebracht naar een ontwerp door de architect Eugène Dieltiëns uit 1919. H. De Hert liet de huidige winkelpui van het rechter pand aanbrengen naar een ontwerp door de architect Arie Landwaard uit 1941.

De trapgevel van twaalf/dertien treden met een overhoeks topstuk is volledig opgetrokken uit zandsteen, verankerd door smeedijzeren muurankers met gekrulde spie. In de middenas boven de pui bleef de beschilderde, gebeeldhouwde gevelsteen behouden die de huisnaam verbeeldt, een rolwerkcartouche met putti waarin de voorstelling van een bok. De oorspronkelijk zesledige pui met insteek, vermoedelijk een sleletstructuur uit blauwe hardsteen, werd tot 1847 in de derde travee gemarkeerd door een rondboogdeur met sluitsteen en imposten. Op de eerste verdieping, register van aangepaste rechthoekige vensters met vernieuwde latei en hardstenen lekdrempel. Het betreft vroegere kruiskozijnen waarvan de kwartholle negblokken bewaard zijn. De drieledige geveltop wordt in het eerste register geopend door een register van drie kruiskozijnen tussen twee kloosterkozijnen. Van het tweede en het voorlaatste venster is de latei verlaagd; de overige kozijnen zijn volledig gedicht in baksteenmetselwerk, met behoud van de verweerde monelen en tussendorpels. Een drielicht doorbreekt de tweede topgeleding, samengesteld uit een lager geplaatst, rondbogig middenluik met diamantopimposten en -sluitsteen, tussen kloosterkozijnen waarvan het bovenlicht gedicht is, alle met kwartholle dagkanten. Het rechthoekige luikje van de topgeleding is gedicht tot een balkgat. De klassieke houten winkelpui met middenportaal van het linker pand uit 1919, is eenvoudig van opzet. De hardstenen winkelpui van het rechter pand uit 1941, onderscheidt zich door een verdiept middenportaal tussen afgeronde vitrines, en een insteekverdieping met vijf rechthoekige bovenlichten waarin eenvoudige glas-in-loodramen.

  • Stadsarchief Antwerpen, bouwdossiers 1843#82, 1847#519, 1862#66, 1862#208, 1919#7933 en 18#13824.

Bron     : -
Auteurs :  Braeken, Jo
Datum  : 2018


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: De gulden Bock [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/4447 (Geraadpleegd op 22-07-2019)