Geografisch thema

Veemarkt

ID: 3977   URI: https://id.erfgoed.net/themas/3977

Beschrijving

Plein zich uitstrekkend van de Boezingepoortstraat en de Surmont de Volsbergestraat ten zuiden, tot de Slachthuisstraat ten noorden. Oudste vermelding van 1265 als "Bosingstrata". Voormalige poortstraat leidend naar de Boezingepoort gelegen ten noorden van het huidige slachthuis (Slachthuisstraat nummer 46) en ten oosten van de Ieperlee. Bestond oorspronkelijk uit een smal zuidelijk straatgedeelte, de huidige Boezingepoortstraat, en een breder noordergedeelte waar de Ieperlee voor en evenwijdig met de westelijke straatwand liep zie de figuratieve stadskaart Thevelin-Destrée (1564). De overwelving van deze verkeersader in 1686, resulteerde in een rechthoekige pleinconfiguratie voor het noordelijk straatgedeelte waar later de Veemarkt werd overgebracht en dat sindsdien onder deze marktbenaming bekend staat. Economisch centrum tijdens de middeleeuwen zie vestigingsplaats van gildehuizen aan de kaai van de Ieperlee, onder meer dat van de belangrijkste schippersgilde. Reeds vroeger ook oprichting door de schippers van een kapel ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van Goede Hoop, die echter verwoest werd tijdens de beeldenstorm. Op de open plaats binnen de vestingen ten westen van de Boezingepoort werden de schuiten geijkt op hun diepgang ter beveiliging van de overdrachten op de Ieperlee; tevens scheepstimmerwerf in de 15de eeuw.

Voorts, ten noorden van het oostelijk zijstraatje oorspronkelijk "Schipperstraete" genaamd: het gasthuis met kapel van de in de 13de eeuw opgerichte caritatieve instelling van de Sint-Niklaasgilde, vanaf de 15de eeuw vermoedelijk tevens de zetel van de gilde der Parijse Studenten met als patroonheilige Sint-Thomas naar dewelke de kapel toen genoemd werd. Laatst genoemde fungeerde echter vanaf 1596 tot 1734 als parochiekerk van Onze-Lieve-Vrouw ten Brielen na de sloping (1578) in het kader van toenmalige verdedigingswerken, van dit voorheen extra muros aan de Ieperlee gelegen bedehuis (zie Diksmuidseweg); de "Schipperstraete" thans toegang verlenend tot de "Brielen Kerke", werd omgedoopt tot Brielenpoort, een benaming later staand voor het steegbeluik alhier opgericht na de verkoop in 1778 van de tot een ruïne vervallen kapel.

In de 18de eeuw, ook vestigingsplaats van de stadsgevangenis zogenaamd "Rasphuis" op de oostelijke pleinzijde; in 1876 omgevormd tot de Sint-Barbarakazerne, afhankelijk van de ruiterijschool.

Vooroorlogs uitzicht volgens stadsplattegrond en oude foto's omtrent de eeuwwisseling. Grosso modo rechthoekig, gekasseid plein met middenstrook beschaduwd door linden en afgezoomd met neogotische gietijzeren hekken voor het vee. Op de noordzijde: het slachthuis van 1861, opgetrokken in een eenvoudige eclectische bouwtrant naar plannen van architect P. Croquison (Kortrijk) van 1858. Blijkbaar sociaal gevarieerde woonfunctie met burger-, arbeiderswoningen, en enkele herbergen.

Westelijke en zuidelijke pleinwand gekarakteriseerd door panden van twee bouwlagen onder zadeldak (nokrichting loodrecht op of parallel aan het plein), uit de 16de tot de 19de eeuw. Verspringende kroonlijsthoogte, voornamelijk aan de westelijke pleinzijde nog onderbroken door topgevels met als meest in het oog springende die van de aan elkaar palende voormalige gildehuizen, respectievelijk van links naar rechts de puntgevel van het huis der bootslieden met jaarankers 1629, de trapgevel van het huis der kooplieden gedateerd 1623, beide in lokale renaissancestijl, en een laat-gotische trapgevel met jaarankers 1544; zij zijn representatief voor de stijlevolutie in de lokale architectuur uit de 16de tot de 17de eeuw. Voorts op de oostelijke pleinzijde: de toegangspoort tot het steegbeluik Brielenpoort met lage arbeiderswoningen uit eind 18de eeuw - begin 19de eeuw.

Wederopbouw grosso modo terug aanknopend bij de vooroorlogse toestand met betrekking tot de pleinvorm, aankleding zie kasseibestrating en de beboomde centrale strook met gietijzeren hekken naar middeleeuws patroon naar ontwerp van J. Coomans (Ieper), pandenindeling en functies. Ook behouden aanleg van de Brielenpoort met toegang opgenomen in nummer 28, en thans bebouwd met garages; wederopbouw van het slachthuis naar ontwerp van zelfde architect op de noordelijke pleinzijde (zie Slachthuisstraat nummer 46).

Echter nieuwe verbinding met het Minneplein door middel van een kort, gekasseid straatgedeelte in het verlengde van de Surmont de Volsbergestraat, op het zuidelijk uiteinde van de westelijke pleinzijde.

Historiserende wederopbouwarchitectuur. Behalve de benaderende reconstructies van de voormalige gildehuizen der bootslieden (nummer 9) en kooplieden (nummer 11), voorts weinig reminiscenties aan de vooroorlogse gevelwanden; het perceel ter hoogte van de laat-gotische trapgevel van 1544 bleef bovendien tot nog toe onbebouwd (nummer 11-13; ertussen).

Basisbebouwing met breedhuizen van twee à drie bouwlagen onder een soms geknikt zadeldak of mansardedak (mechanische pannen), soms in combinatie met een topgevel. Anderzijds ook twee diephuizen: nummer 9, 11 respectievelijk met punt- en trapgevel. Meerdere eenheidsconcepten: nummer 6-8, 15-17, 20-22, 21-23-25.

Bouwmaterialen: baksteen, plint of sokkel doorgaans van Atrechtse zandsteen en/of arduin. Nummer 20, 22 met eerste bouwlaag van mogelijk gerecupereerde witte natuursteen. Soms gebruik van simili- en/of Euvillesteen onder meer voor vensterconstructies zie de vensterkruisen van nummer 6, 8.

De zogenaamde "wederopbouwstijl" is doorgaans eenvoudig eclectisch en onder meer bij nummer 1, het hoekhuis van 1925 (zie gevelstenen) bij de Boezingepoort, gedomineerd door stijlelementen ontleend aan de lokale renaissancestijl zie hoekrisaliet en dakvenster met trapgevel, en verdiepte rondboogomlijstingen voor de rechthoekige muuropeningen, anderzijds rechthoekige erker op de tweede bouwlaag van het risaliet; het beeld van Onze-LieveVrouw met Kind op console onder hoekbaldakijn, verwijst mogelijk naar het voor de Eerste Wereldoorlog zogenaamde Onze-Lieve-Vrouwhuis. ter hoogte van de vroegere schipperskapel ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van Goede Hoop.

Nummer 5 vertoont een inslag van de neorococostijl zie de pilasters op de bovenverdieping en de getoogde muuropeningen opgenomen in vlakke bakstenen omlijsting met sluitsteen; de eenheidsbebouwing nummer 20, 22 met twee enkelhuizen in spiegelbeeld bezit korf- en rondbogige muuropeningen onder gebogen druiplijst met gestrekte uiteinden.

Op enkele uitzonderingen na, voorts geen uitgesproken dominerende stijlontleningen. Nieuwe bouw (nummer 14, 16, 18), onder meer in de vorm van een appartementsgebouw van vijf bouwlagen (nummer 10) ook aanwezig op de zuidwestelijke en zuidoostelijke pleinhoek (respectievelijk Minneplein nummer 15 en Surmont de Volsbergestraat nummer 68).

  • Algemeen Rijksarchief, Dienst der Verwoeste Gewesten, 13492.

Bron     : Delepiere A.-M., Huys M. & Lion M. 1987: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie West-Vlaanderen, Arrondissement Ieper, Kanton Ieper, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 11N1, Brussel - Turnhout.
Auteurs :  Delepiere, Anne Marie, Huys, Martine, Lion, Mimi
Datum  : 1987


Relaties

  • Omvat
    Burgerhuis

  • Omvat
    Huis der Bootslieden

  • Omvat
    Huis der Kooplieden

  • Is deel van
    Ieper