Parochiekerk Onze-Lieve-Vrouw van Pamele

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Alternatieve naam Pamelekerk
Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Oudenaarde
Deelgemeente Oudenaarde
Straat Pamelekerkplein
Locatie Pamelekerkplein zonder nummer, Oudenaarde (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Oudenaarde (adrescontroles: 01-02-2008 - 01-02-2008).
  • Inventarisatie Oudenaarde (geografische inventarisatie: 01-01-1996 - 31-12-1996).
Links

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Onze-Lieve-Vrouwekerk van Pamele

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is beschermd als monument Parochiekerk Onze-Lieve-Vrouw van Pamele

Deze bescherming is geldig sinds 28-12-1936.

is deel van de bescherming als stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Stadskern Oudenaarde

Deze bescherming is geldig sinds 05-05-1981.

Beschrijving

Opheffing van het omringend kerkhof bij keizerlijke ordonnantie van 9 oktober 1784 en inrichting als parkje, in 1849 voorzien van een omheining met inmiddels verdwenen ijzeren ketting tussen behouden arduinen paaltjes.

Parochie opgericht in 1110, zie oorkonde van bisschop Odo van Kamerijk. Na de omvorming van de bisdommen in 1559 horend tot het bisdom Gent.

Opgetrokken uit Doornikse kalkhardsteen en breuksteen voor de oudste delen en bak- en zandsteen voor de delen uit de 16de eeuw.

Kerk volledig opgericht in Doornikse gotiek of Scheldegotiek. Bouw aangevat in 1234 aan de oostzijde met koor, kooromgang en kruisingspijlers onder leiding van de oudst bij naam vermelde bouwmeester in Vlaanderen, Arnold van Binche (confer herdenkingssteen in koormuur, in 1835 verborgen achter bronzen kopie). Kort erna oprichting van toren en transept en vermoedelijk eind 13de eeuw bouw van schip. Eind 13de tot begin 14de eeuw aanbrengen van wijzigingen aan noordtransept en vergroten van vensters. Overwelven van schip en transept in de periode 1502-16. Sloop van zuidelijke zijbeuk en bouw van een nieuwe beuk met laat-gotische zijkapellen van Balegemse zandsteen in de periode 1523-30; ook toevoeging van een kleine sacristie in de zuidoksel van het transept. In 1561 toevoeging van een renaissanceportaal tegen de noordtranseptarm. Na de beeldenstorm (1566, 1572) werden in de 17de eeuw het meubilair vernieuwd en verscheidene herstellingswerken uitgevoerd. Later (circa 1700) toevoeging van inmiddels verdwenen Sacramentskapel tegen de koorsluiting, een tweede sacristie (1839-41) en een portiek voor de calvarie tegen noordtranseptgevel (eerste kwart van de 19de eeuw). Grondig gerestaureerd onder leiding van architect A. Van Assche in de periode 1877-1904, ontwerpen vanaf 1871, onder meer sloop van renaissanceportaal in 1878 en toevoeging van nieuwe sacristie. Eveneens ingrijpende restauratie van interieur en vernieuwing van meubilair van 1877 tot 1904.

De plattegrond ontvouwt een basilicale kerk met een driebeukig schip van vier traveeën en twee zijkapellen van elk twee traveeën tegen de Zuidelijke zijbeuk, uitspringend transept van drie (noorden) en twee (zuiden) traveeën, rond traptorentje in oksel van zuidtransept en koor, koor van twee traveeën en vijfzijdige absis en kooromgang, sacristieën tegen zuidtranseptarm.

Westelijke puntgevel gevat tussen versneden steunberen; spitsboogportaal omlijst met archivolten rustend op zuiltjes met knopkapiteel. Erboven tweeledig spitsboogvenster, geflankeerd door kleine tweelichten onder spitsboogvormige blindnissen.

Middenbeuk verlicht door drielichten gevat in rondboognissen, zijbeuken verlicht door spitsboogvensters tussen steunberen. Voor de bovenlichten loopt een buitengalerij. De Zuidelijke zijkapelgevels zijn uitgewerkt met puntgevels met kruisbekroning, gescheiden door versneden steunberen, de vensters zijn spitsboogvormig en voorzien van vierdelig gotisch maaswerk.

Noordtranseptarm (Scheldekant) monumentaler uitgewerkt dan zuidtranseptarm. Noordelijke gevel van noordtranseptarm geflankeerd door steunberen uitlopend in voor de Scheldegotiek kenmerkende ronde hoektorentjes versierd met arcade op zuiltjes; venster circa 1300 vervangen door hoog spitsbogig tweelicht met gotisch maaswerk en roosvenster samengevat onder een rondboogvormige ontlastingsboog; in oostgevel spitsboogvormig drielicht en roosvenster, spitsboogportaal en gelijkaardige bovenlichten als schip. Zuidtransept in oostgevel verlicht door twee drielichten samengevat in rondboog.

Achthoekige kruisingstoren met hoge gekoppelde spitsboogvormige galmgaten; overgang van vierkante onderbouw naar achthoekige bovenbouw door middel van trompen, uitwendig driehoekige schildjes.

Vensters van koor en kooromgang in de vorm van spitsboogvensters en drielichten met deelzuiltjes, typerend voor de Scheldegotiek. Rond traptorentje in oksel van het zuidtransept en de kooromgang, leidend naar het triforium en via het triforium verbonden met het ernaast (zuidoostelijke hoek van de transeptarm) gelegen traptorentje aanvangend ter hoogte van de kroonlijst van de kooromgang en leidend naar de buitenloopgang en de zolders.

Interieur. De neogotische polychromie werd in 1935 vervangen door de huidige rode beschildering en oker in de Zuiderkapellen. Spitsboogvormige scheibogen rustend op zuilen met achtkantige basis en bladkapitelen, erboven triforium met spitsboogarcade van Doornikse steen en daarboven de bovenlichten. Kruisribgewelven en spitsbogige gordelbogen op colonnetten met koolbladkapiteel. Witbepleisterde bakstenen gewelven in middenbeuk en noordelijke zijbeuk, vermoedelijk uit het eerste kwart van de 16de eeuw; in zuidelijke zijbeuk en zijkapellen onbepleisterd. Gewelfribben van schip, Zuiderpartij en transept van zandsteen met hardstenen aanzetten op colonnetten met knopkapitelen; de gordelbogen in de zuiderkapellen zijn in imitatiezandsteen bepleisterd. Gewelven en gewelfribben van koor, omgang en kruising van Doornikse hardsteen, met uitzondering van twee gerestaurreerde traveeën. Gebundelde kruisingspijlers met koolbladkapitelen met dubbele bladerkrans. Tussen koor en kooromgang eveneens geprofileerde spitsbogige scheibogen op zuilen met dubbele bladerkrans. Marmerbekleding rondom kruiswegstaties van 1935. Het 13de-eeuwse dakgebinte bleef volledig bewaard.

Mobilair. Schilderijen: Drieluik met "De Schepping" van J. Snellinck, in 1609 gemaakt als altaarstuk van het hoofdaltaar, thans in de zuiderkapel van Onze-Lieve-Vrouw van de Scapulier; "Doopsel van de Heilige Augustinus door de Heilige Ambrosius van Milaan", 1653; "Kruisvinding door de Heilige Helena" van Simon De Pape van 1672, oorspronkelijk in het penitentenklooster; vroeg-16de-eeuwse copie van "Madonna met de vis" van Rafaël; "Heilige Ignatius van Loyola", naar Rubens, en "Sint-Stanislas de Kosta", beide uit de 17de eeuw en afkomstig van het Jezuïetenklooster; "Heilige Simon Stock ontvangt de Scapulier van Onze-Lieve-Vrouw van de Karmel", 17de-eeuwse grisaille.

Beeldhouwwerk: houten polychroom beeld van Onze-Lieve-Vrouw ter Water of ter Walle, vermoedelijk uit de 16de eeuw en naar verluidt afkomstig van het eind 19de eeuw gesloopte kapelletje Ten Walle aan de huidige Louise Mariekaai; diverse houten beelden uit de 17de en de 18de eeuw, onder andere witgeschilderd en afkomstig van biechtstoel en het gesloopte Onze-Lieve-Vrouwealtaar. In koor zwikken verfraaid met acht beelden onder baldakijn door J. Carbon naar ontwerp van A. Van Assche van 1883. Houten triomfkruis van Aloïs De Beule van 1906.

Hoogaltaar met marmeren treden; plint, tombe en tafel in hardsteen; zandstenen retabel en verguld eiken tabernakel van architect A. Van Assche van 1880-82 (naar ontwerp van 1878). Arduinen zijaltaren met zandstenen retabels van A. Van Assche in neogotische stijl van 1880. Twee houten neogotische retabels op marmeren altaartafels in de zuiderkapellen, respectievelijk toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw van de Scapulier en aan Onze-Lieve-Vrouw van Zeven Weeën, vervaardigd naar ontwerp van A. Van Assche van 1883. Neogotisch eiken koorgestoelte (1880), communiebank (1880) en kansel (1884) naar ontwerp van A. Van Assche. Eiken renaissance-biechtstoel uit de 17de eeuw en twee neogotische biechtstoelen in mahonie en in eik uit de 19de eeuw. Orgel van O. Schyven (Brussel) van 1886; orgelkast door J. Vossaert-Blanchard, naar ontwerp van A. Van Assche. Marmeren doopvont met koperen deksel uit 18de of 19de eeuw. Vervaagde muurschildering uit de 14de of de 15de eeuw op zuidwestelijke kruisingspijler. Doksaal en tochtportaal van 1884 naar ontwerp van A. Van Assche in neogotische stijl. Tochtportaal in noordtransept van 1893. Neogotische koorafsluiting tussen koor en kooromgang in ijzersmeedwerk naar ontwerp van A. Van Assche van 1885 en uitgevoerd door M. Vanderbrugge en V. Warie. Op koper geschilderde kruisweg gevat in arduinen omlijsting van F. Coppejans van 1911-20 in kooromgang. Glas-in-loodramen van A. Ladon in neogotische stijl: vijfentwintig glasramen in kooromgang (1935), zeventien bovenlichten in koor (1935) en een in het dubbel drielicht van noordtranseptarm (1934). Glasramen in de zuiderkapellen van J. Dobbelaere van 1909. Voorts glasramen naar ontwerp van A. Deloore uit 1958-60.

Praalgraven, thans geplaatst aan weerszij van portaal (westgevel), van Josse de Joigny, heer van Oudenaarde, eerste ber van Vlaanderen, baron van Pamele en streek tussen Marke en Ronne, overleden in 1504, en zijn echtgenote Iosine van Rokeghem; en van ridder Philippe de Locquenghien, heer van Oudenaarde, eeste ber van Vlaanderen en baron van Pamele en de streek tussen Marke en Ronne, gestorven in 1620, en zijn echtgenote Valérie de Cotereau.

Talrijke grafstenen vooral samengebracht in de vloer van de zuiderkapel. Vier grafstenen in de noordelijke buitenmuur.

  • Afdeling Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Monumentenzorg Oost-Vlaanderen, Cel Monumenten en Landschappen, Archief.
  • DEVOS P., De Onze-Lieve-Vrouwkerk van Pamele te Oudenaarde, I. Architectuur, Inventaris van het kunstpatrimonium van Oost-Vlaanderen, IX, Gent, 1978.
  • DEVOS P.,De Onze-Lieve-Vrouwekerk van Pamele, Monumenten en Landschappen in Oudenaarde (4), Oudenaarde, 1992, p. 47-52.
  • DEVOS P., Enkele brandglasramen in Oudenaarde, Monumenten en Landschappen in Oudenaarde (5), Oudenaarde, 1993, p. 21-22.
  • VAN ASSCHE A., Monographie de l'Eglise de Notre-Dame de Pamele à Audenarde, Brugge, (1881).
  • VAN DEN ABEELE-BELLON R., De Onze-Lieve-Vrouwkerk van Pamele te Oudenaarde, II. Kunstwerken, Inventaris van het kunstpatrimonium van Oost-Vlaanderen, X, Gent, 1979.
  • VANDENBUSSCHE-VAN DEN KERCKHOVE C., Fotorepertorium van het meubilair van de Belgische bedehuizen, Kanton Oudenaarde, Brussel, 1978, p. 23-29.
  • VAN DE VYVERE P., Audenaerde et ses monuments, Oudenaarde, 1913, p. 54-77.

Bron: Bogaert C., Lanclus K., Tack A. & Verbeeck M. 1996: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur Provincie Oost-Vlaanderen, Arrondissement Oudenaarde, Stad Oudenaarde met fusiegemeenten, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 15N1, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Bogaert, Chris; Lanclus, Kathleen; Tack, Anja & Verbeeck, Mieke

Datum tekst: 1996

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Pamelekerkplein

Pamelekerkplein (Oudenaarde)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.