Burgerhuis De Grote Sterre

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Damme
Deelgemeente Damme
Straat Jacob van Maerlantstraat, Kerkstraat
Locatie Jacob van Maerlantstraat 3, Kerkstraat 22A, Damme (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Damme (adrescontroles: 11-12-2007 - 11-12-2007).
  • Inventarisatie Damme (geografische inventarisatie: 01-01-2006 - 31-12-2006).
Links

Juridische gevolgen

is beschermd als monument Burgerhuis De Grote Sterre

Deze bescherming is geldig sinds 29-05-1964.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Burgerhuis De Grote Sterre

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

Beschrijving

* Jacob Van Maerlantstraat nr. 3/ Kerkstraat nr. 22A. Huis "De Grote Sterre", imposant 15de-eeuws patriciërshuis in laatgotische stijl met oudere kern, gerestaureerd en heropgebouwd in de jaren 1993-1996 na zware beschadiging en gedeeltelijke instorting tijdens een voorjaarsstorm in 1990. Thans zijn hier diverse diensten ondergebracht, o.m. de toeristische dienst van de stad met bezoekerstrefpunt, de Erfgoedwinkel van Erfgoed Vlaanderen, de Groene Winkel van Natuurpunt en het Literair Museum rond Jacob Van Maerlant en Tijl Uilenspiegel. Beschermd als monument bij K.B. van 29/05/1964. Opgenomen in het stadsgezicht, beschermd bij M.B. van 13/10/1986, gewijzigd bij M.B. van 30/03/1987.

Historiek.
Het huis "De Grote Sterre" wordt gevormd door oorspronkelijk twee laatmiddeleeuwse handelswoningen, m.n. huis "De Sterre", voorheen ook "De Speghele" genoemd, en huis "Het Crayenest", genoemd naar de toenmalige bewoners de Damse koopliedenfamilie Van Crayenest. Door de ligging van het vroegere Sterrestraatje aan de oostzijde, wordt aangenomen dat het huis links "de Sterre" was en rechts "Het Crayenest". De panden worden opgetrokken ter vervanging van twee oudere 13de-eeuwse houten woonhuizen, die later voorzien worden van een bakstenen gevel. "Het Crayenest" wordt reeds vermeld in 1461, "de Sterre" in 1478. Stilistisch dateert men de gevel van het linkerhuis eind 15de eeuw, de gevel van het rechterhuis begin 16de eeuw. Als diephuizen afgebeeld op de kaarten van Marcus Gerards (1562) en A. Sanderus (1641-1644). De twee huizen worden reeds vóór 1594 samengevoegd onder de naam "De Grote Sterre".
Vanaf 1615 is het huis, dan ook gekend als "het Gouvernement", eigendom van de Spaanse koning, waarbij het dienst doet als verblijfplaats voor de Spaanse militaire gouverneurs, zoals o.m. baron Johan-Baptist de Camargo en graaf François de Rulle, die er ook overleden zijn, resp. in 1654 en 1760. Het Sterrestraatje aan de oostzijde wordt opgeheven doordat het geheel wordt uitgebreid met een onderkelderd bijgebouw. In de loop van de 17de en 18de eeuw worden aanpassingen in het interieur gedaan, o.m. nieuwe plafondafwerking en uitbekleding van de moerbalken. In de tweede helft van de 18de eeuw is het huis in handen van private eigenaars. Tot zijn dood in 1775 is het eigendom van kanunnik Johannes van der Stricht, proost van het O.-L.-Vrouwkapittel te Brugge (1742-1775) en tevens eigenaar van de *Sint-Christoffelhoeve (cf. Dammesteenweg) en de hoeve "De Stamper" (cf. Zuiddijk), cf. wapenschild met lijfspreuk boven de ingang. In de eerste helft van de 19de eeuw wordt het huis bewoond door Jan Bernard Dullaert, een luitenant-kolonel en oud-strijder van de slag van Waterloo. Daarna wordt het o.m. nog bewoond door aannemer en burgemeester Jules Braet (1867-1956). In 1914 wordt een restauratieproject gepland onder leiding van architect Mullie, doch het is niet zeker of dit tijdens de oorlog uitgevoerd wordt.
In de jaren 1960 komt het huis enkele jaren leeg te staan. In 1972 wordt het gekocht door de Brugse Marcus Gerardsstichting om het voor verder verval te behoeden. In 1979 vindt de restauratie plaats van het bijgebouw gelegen aan de Kerkstraat (tussen nrs. 22-22A). In 1981 wordt het huis "De Grote Sterre" eigendom van de stad Damme die er de Toeristische Dienst en het Uilenspiegelmuseum in onderbrengt. Tijdens een voorjaarsstorm op 26 februari 1990 wordt het pand grotendeels verwoest, op een deel van de gevel na.
In de jaren 1993-1996 wordt het pand gereconstrueerd door aannemer Arthur Vandendorpe (Brugge) onder leiding van architecten Piet Viérin (Brugge) en Eric Van Hulle (Damme) met structurele aanpassingen aan de nieuwe functie van toeristisch onthaal (vanaf 1997). Naast het linkerhuis, op de plaats van een vroeger bijgebouw, wordt een nieuwbouw gezet die aan de tuinzijde uitmondt in een veranda. In 2002 gebeuren herstellingswerken aan het achterliggende wagenhuis. Verdere werken zijn gepland.

Beschrijving.
Dubbelhuis, oorspronkelijk bestaande uit twee diephuizen, resp. van vier traveeën en twee bouwlagen (links) en drie traveeën en drie bouwlagen (rechts) onder pannen zadeldaken (nok haaks op de straat; Vlaamse pannen). De imposante gekoppelde bakstenen puntgevels, verankerd en voorzien van licht overkragende schouderstukken, vertonen beide gotische stijlkenmerken.
De linkergevel, te dateren eind 15de eeuw als één van de oudst bewaarde bakstenen huisgevels in Vlaanderen, is evenwichtig opgebouwd; verticale ritmering door licht vooruitspringende, per travee doorlopende penanten doorgetrokken tot net boven de topgevel. Rechthoekige muuropeningen gevat in hoge rondboognissen; afgeschuinde dagkanten.
De rechtergevel, te dateren begin 16de eeuw, is sierlijk opgebouwd met o.m. toepassing van Brugse traveenissen en uitgesproken kenmerken van de laatgotische bouwstijl cf. bakstenen maaswerk in rondboogvelden, divers uitgewerkt per bouwlaag (drielobben, visblazen), grotendeels verdwenen in de tweede bouwlaag. Rechthoekige muuropeningen supplementair door boogjes ontlast. Centrale deurtravee met tudorboogvormige ingang voorzien van witstenen geblokte omlijsting als oorspronkelijke ingang naar linkerhuis. De oorspronkelijke ingang naar het rechterhuis is verdwenen. Erboven in rondboognis witstenen reliëf met wapenschild van kanunnik Johannes Van der Stricht waarop wapenspreuk "PACEM OPTO". Natuurstenen trap (vijf treden).
Vóór 1990 zijn de stenen kozijnconstructies slechts gedeeltelijk bewaard, o.m. links in de dakverdieping en rechts bij twee dichtgemetselde openingen in de derde bouwlaag. De overige openingen zijn in de loop der tijd voorzien van houten vensters.
Bij de reconstructie in de jaren 1990 worden de gevels in oorspronkelijke staat hersteld : gedichte muuropeningen worden opengemaakt en men voorziet nieuwe natuurstenen kruiskozijnen. Het maaswerk in de boogvelden van het rechterhuis wordt gereconstrueerd; de luiken in de dakverdieping worden vervangen door vensters. Opnieuw gebruik van witte natuursteen voor de negblokken, consoles en afdekking van de geveltop. De achtergevels, waarvan de vensteropeningen in de loop der tijd gewijzigd en deels dichtgemetseld zijn, worden voorzien van licht getoogde muuropeningen met grote roedeverdeling.

Interieur.
De opnamegegevens door Luc Devliegher ca. begin jaren 1970 geven een idee van de oorspronkelijke indeling en aankleding, vóór de vernieling in de jaren 1990.
De kelders van beide huizen gaan terug op oudere, 13de-eeuwse bebouwing (cf. baksteenformaat en kaarsnissen). Links, drie kelders afgedekt door tongewelf. De twee kelders toegankelijk vanaf de straat dienen oorspronkelijk als pakkelder; de kelder achteraan als provisiekelder, bereikbaar vanuit de achterkamer. Kelder van rechterhuis afgedekt door houten balkenzoldering en in twee gedeeld door een muur, waarvan een kelder toegankelijk vanaf de straat. Oorspronkelijke indeling van linkerhuis bestaande uit een gang aan de rechterzijde van waaruit toegang naar voor- en achterkamer. Centraal tegen dwarsmuur, trap naar de bovenverdiepingen. Bewaarde gotische schouw in achterkamer met onversierde wangen. Op eerste verdieping gotische schouwmantel met figuratieve uitgewerkte schouwwangen. Het dakgebinte bestaande uit resp. twee schaargebinten en een nokgebinte.
Rechterhuis oorspronkelijk ingedeeld in drie achter elkaar gelegen kamers op de begane grond, met spiltrap in de eerste kamer naar de bovenverdiepingen. Schouwen op eerste verdieping met 18de-eeuwse betimmering; op tweede verdieping ondiepe gotische schouwen, in de kamer aan de straatzijde met figuratieve uitgewerkte schouwwangen. Op eerste verdieping restanten van 17de-eeuws houtwerk, o.m. deur en omlijsting. Balkenzoldering met nog enkele moerbalken waarvan balksleutels met laatgotisch profiel. Dakgebinte bestaande uit schaar- en nokgebinte.
Na de storm van 1990 is het interieur volledig vernield. Enkel de tongewelven van de kelder links en de gotische schouwen op zowel de beneden- (links en aan de straatzijde rechts) als op de eerste verdieping (links) blijven bewaard. Een gotisch ornament, verscholen achter een 18de-eeuwse lambrisering, wordt vrijgelegd. Bij de heropbouw/restauratie gebruik van betonnen vloerplaten boven de keldergewelven en betonnen prefabgewelven in plaats van de oude balklagen; nieuwe eikenhouten balkenzoldering en plankenvloeren. Nieuwe dakconstructie op traditionele wijze gereconstrueerd en gedekt met rode recuperatiepannen. Het interieur wordt op een functionele wijze ingevuld; de gotische schouwen worden teruggeplaatst.

Tuin met achteruitgang naar de Kerkstraat toe; nieuwe aanbouw aan oostzijde. Zijde Kerkstraat, groot bakstenen poortgebouw als toegang tot het voormalige erf van het huis "De Grote Sterre". Voorheen één geheel vormend met nr. 22, een voormalige dwarsschuur met inrijpoort (nok evenwijdig met straat), in de eerste helft van de 20ste eeuw omgevormd tot woonhuis met topgevel (cf. Kerkstraat). Oorspronkelijk witgekalkte baksteenbouw op gepekte plint. Grote tudorboogvormige doorgang geflankeerd door twee zware steunberen. Aan zuidzijde, nr. 22A, haakse, éénlagige verankerde bakstenen stalvleugel onder pannen schild- en zadeldak. Kleine stalvensters in noordgevel. Nieuwe poortopeningen waarboven sporen van verbouwingen.

AROHM WEST-VLAANDEREN, Cel Monumenten en Landschappen, Archief nr. W/00250 en Levend Archief.
DEVLIEGHER L., Damme, in Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, deel 5, Tielt, 1971, p. 163-167.
DEVLIEGHER L.; GOOSSENS M. : Vensters in West-Vlaanderen, in Oudheden in West- en Frans-Vlaanderen, Tielt, 1980, afb. 36.
HEYNEMAN D. en HEYNEMAN L., Ontdek Damme. Praktische gids, Damme, 1977, p. 14-15.
HOSTE H., Damme, Antwerpen, 1956, p. 178-180.
RYCKAERT M. ; SCHEERS R., Uit het puin herrezen: het huis "De Grote Sterre"' in Damme, in In de Steigers, jg. 4, nr. 2, 1997, p. 30-32.
VANDENBERGHE R., Damme, geïllustreerde gids, Brugge, 1978, p. 46-49.
VAN HAECKE B., Wegwijs in Damme en omgeving. Brugge, 1985, p.31.
VAN POUCKE G., Archiefbeelden Damme, v.z.w. 't Zwin Rechteroever Grondgebied Damme-Gloucestershire, 2003, p. 59.

Bron: Callaert G. & Hooft E. met medewerking van Santy P. & Snauwaert L. 2006: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Damme, Deel I: Stad Damme, Deelgemeenten Hoeke, Lapscheure en Moerkerke, Deel II: Deelgemeenten Oostkerke, Sijsele en Vivenkapelle, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL17, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Callaert, Gonda & Hooft, Elise

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Jacob van Maerlantstraat

Jacob van Maerlantstraat (Damme)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.