erfgoedobject

Kasteel Altena met kapelletje

bouwkundig element
ID: 78863   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/78863

Juridische gevolgen

Beschrijving

Weststraat nr. 14. Het "Kasteel Altena" is een kasteeldomein dat teruggaat op een middeleeuwse opperhof-neerhof-site met dubbele omwalling. Het huidige kasteel is een interbellum landhuis gebouwd in 1928 naar ontwerp van architect Alphonse De Pauw (Brugge), gelegen in een 19de-eeuwse parkomgeving.
De eerste vermelding van "Altena" dateert van 1325; het wordt opgenomen in een lijst met eigendommen van het Brugse Sint-Janshospitaal. Een document van 1435 toont aan dat het domein in die tijd een heerlijkheid van de Burg van Brugge wordt. Leenboeken leren dat de Heren van Altena tot de hoogste adellijke rangen behoren. De oudste afbeelding van Altena is de weergave op de kaart van Pieter Pourbus uit 1561-1571. Er wordt een dubbele vierkante omwalling getekend waarbinnen een aantal gebouwen gesitueerd zijn; toegankelijk via een poortgebouw over de noordelijke gracht, een dreef leidt naar een meer oostelijk gelegen weg richting de "Hooghe Wech" (Weststraat). Vanaf midden 16de tot eind 17de eeuw is de familie Valcke eigenaar van de heerlijkheid. Ca. 1700 wordt het goed verkocht aan de familie de la Villette, een belangrijke adellijke familie die in de 18de eeuw ook het kasteel van Moerkerke (cf. Kasteelstraat nr. 7) bezit. Deze familie laat in 1708 door de Brugse landmeter Joan Lobbrechts een gedetailleerde opmeting van de heerlijkheid maken. Er wordt een opperhof-neerhofsituatie getekend, waarbij het woonhuis van de heer zich op een omwald opperhof bevindt ten noordoosten van het rechthoekig omwalde neerhof met uitgestrekte boomgaard. Het domein is te bereiken vanaf de Weststraat via een met eiken afgezoomde dreef die recht op het kasteel uitgeeft. De toegang tot het domein bevindt zich aan de oostkant, waar een doorbreking voorzien is van de buitenste walgracht. Via een ophaalbrug aan de zuidelijke kant van de binnenwal, is het opperhof bereikbaar. De vergelijking met de weergave op de Ferrariskaart (1770-1778) laat volgens C. Terryn een heropbouw van het kasteel vermoeden, gecombineerd met een herinrichting van het opperhof als geometrische tuin. Via overerving wordt het domein eigendom van de familie Stochove, en in de tweede helft van de 19de eeuw van de familie Thibault de Boesinghe. De nieuwe eigenaar Emile de Thibault de Boesinghe-Frennelet laat in 1875-1879 alle kasteel- en neerhofgebouwen slopen en vervangen door nieuwbouw. De hoeve wordt heropgebouwd buiten de omwalling, ten oosten van het domein (cf. Altenaweg nr. 1). Ten zuiden van de hoeve wordt een ommuurde moestuin ingericht. De walgracht rond het opperhof wordt gedempt en het kasteel wordt centraal in het rechthoekige domein opgetrokken. Het wordt een eclectisch kasteeltje met een opvallende, brede hoektoren. Het romantische kasteel wordt omkaderd door een nieuw aangelegd park volgens de principes van de Engelse landschapstuinen: er wordt een natuurlijk aandoende, grillige omgeving geschapen met talrijke binnenlandse en exotische boom- en struiksoorten. De hoeveelheid aan plantensoorten is opvallend en maakt het park in zijn tijd een bekend voorbeeld van een botanische tuin. Het zuidelijke deel van de oude walgracht wordt verbreed tot een vijver. In de tuin is een ijskelder met bovenwerk in de vorm van een grot aanwezig; rode bakstenen hekpijlers markeren de toegang tot de dreef langs de Weststraat. Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt het domein opgeëist door het Duitse leger. Op het einde van de oorlog wordt het kasteel naar verluidt door kwajongens in brand gestoken, waarbij het volledig wordt vernield en afgebroken. In 1928 volgt de heropbouw in opdracht van Antoine de Thibault de Boesinghe.
Het kasteel wordt naar de plannen van de Brugse bouwmeester A. De Pauw op dezelfde plaats opgetrokken in neorococostijl. De 19de-eeuwse parkaanleg met ijskelder en vijver wordt bewaard, net als de dreef met het hek aan de Weststraat. Onderkelderd landhuis van twee bouwlagen onder leien mansardedak. Gele baksteenbouw met gebruik van natuursteen voor accentueren van de sokkel, de gevelritmering en omlijstingen van muuropeningen. Sterk uitgewerkte deurtravee uitlopend in een klokgevel met oeil-de-boeuf. Rococo-stijlelementen voornamelijk aanwezig in de deur- en vensteromlijstingen.
Langs de dreef wordt in 1928 een kapelletje opgericht door de echtgenote van Ignace de Thibault de Boesinghe, ter herinnering aan diens overlijden door een sluipmoord op 27 november 1913. Het is een kleine bakstenen kapel onder pannen zadeldak; in de voorgevel een spitsboogdeuropening met beglaasde houten deur. De kapel draagt het opschrift "TER HERINNERING AAN IGNACE DE THIBAULT DE BOESINGHE 27-11-1913"; de literatuur vermeldt dat er een kopie van het beeld van Onze-Lieve-Vrouw van Viven in de kapel staat.
Bezoek aan het domein werd niet toegelaten.

KADASTERARCHIEF WEST-VLAANDEREN TE BRUGGE, 207: Mutatieschetsen, Moerkerke, 1879/7, 1918/3, 1928/77.
RIJKSARCHIEF BRUGGE, Verzameling kaarten en plannen Mestdagh, nr. 939: Figuratieve kaart van het kasteel 'Altena', een hoeve en landerijen in de watering van Moerkerke-Zuid-over-de-Lieve, eigendom van Jonker Fr. de la Villette, 84 x 53 cm, gemaakt door Jean Lobbrechts, 14 januari 1708.
RIJKSARCHIEF BRUGGE, Verzameling Vincent, nr. 92: Kaart van het 21ste begin van de watering van Moerkerke-Zuid-over-de-Lieve, gelegen binnen het graafschap Middelburg, te Moerkerke.
BALLEGEER J., Kapellen in onze Zwinstreek, in Rond de poldertorens, jg. 46, 2004, nr. 2, p. 59-60.
DE CROESER DE BERGES C.-A., Généalogie de la très-noble et ancienne famille de Stochove, Bruges, 1790, p. 4.
DE FLOU K., Woordenboek der toponymie van westelijk Vlaanderen, Vlaamsch Artesië, het land van den Hoek, de graafschappen Guines en Boulogne, en een gedeelte van het graafschap Ponthieu, deel I, Brugge, 1914, kl. 213-214.
Encore l'hôpital Saint-Jean à Bruges, in La Flandre. Revue des monuments d'histoire et d'antiquités. Tome 6. Bruges, 1874-75, p. 362.
GILLIODTS-VAN SEVEREN L., Coutumes du Bourg de Bruges, tome 1. Bruxelles, 1883-1885, p. 269-271.
TERRYN C., Altena, van nature een monument, in Nieuwsbrief 't Zwin rechteroever, september 2004, jg. 5/3, p. 2-43.
RAU J., Het Damme van toen en omgeving, Brugge, 1981, p. 98.
VAN DEN ABEELE A., Het geslacht Stochove, komen en gaan van een adellijke familie in Brugge, in Vlaamse Stam, 2002, p. 203-217.
VAN POUCKE G., Archiefbeelden Damme. Gloucestershire, 2003, p. 21, 30.
VERNIEST R. e.a., Damse kapellenroute, Damme, 2004, kapel nr. 36.
www.damme-online.com/nl/gebouwen/altena.html (foto's)


Bron     : Callaert G. & Hooft E. met medewerking van Santy P. & Snauwaert L. 2006: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Damme, Deel I: Stad Damme, Deelgemeenten Hoeke, Lapscheure en Moerkerke, Deel II: Deelgemeenten Oostkerke, Sijsele en Vivenkapelle, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL17, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs :  Callaert, Gonda, Hooft, Elise


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Kasteel Altena met kapelletje [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/78863 (Geraadpleegd op 19-11-2019)