Neoclassicistisch herenhuis De Saegher

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Oudenaarde
Deelgemeente Oudenaarde
Straat Stationsstraat
Locatie Stationsstraat 16, Oudenaarde (Oost-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Oudenaarde (adrescontroles: 01-02-2008 - 01-02-2008).
  • Inventarisatie Oudenaarde (geografische inventarisatie: 01-01-1996 - 31-12-1996).

Juridische gevolgen

is beschermd als monument Neoclassicistisch herenhuis De Saegher

Deze bescherming is geldig sinds 21-01-2011.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Neoclassicistisch herenhuis De Saegher

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is deel van de bescherming als stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Stadskern Oudenaarde

Deze bescherming is geldig sinds 05-05-1981.

Beknopte karakterisering

Beschrijving

Het herenhuis De Saegher, gebouwd naar een bewaard bouwplan van 1875, is één van de eerste gebouwen die opgetrokken werden in de stationswijk die zich ontwikkelde ten noorden van de oude stadskern van Oudenaarde na het dempen van de stadsgrachten in 1859. Architectuurhistorisch is het gebouw een mooi voorbeeld van een neoclassicistisch herenhuis met statisch voorkomen en bewaarde interieurelementen.

Historiek

Het herenhuis De Saegher is gelegen in de Stationswijk, een nieuwe stadswijk in het noorden van de stad, op de grens met de deelgemeente Bevere. Dit gebied was vanaf de middeleeuwen tot midden 19de eeuw ingenomen door de stadsvesten juist buiten de Beverepoort, één van de vijf stadspoorten van Oudenaarde sinds eind 12de eeuw. Onder de Franse bezetting gaf Lodewijk XIV in 1670 de opdracht aan maarschalk Vauban om Oudenaarde om te bouwen tot een gebastioneerde grensstad waarbij buiten de Beverepoort verschillende bastions aangelegd werden. Pas eind 18de eeuw gaf Jozef II het bevel de stadsvesten te verkopen, met verplichting tot afbraak en opvulling. In 1785 werden de stadspoorten ontmanteld.

De wijk ontwikkelde zich pas echt na de aanleg van de spoorlijn Gent - Saint-Ghislain in 1857 op grondgebied van Bevere en het dempen van de noordelijke stadsvesten. Een nieuwe rechtlijnige straat, de huidige Stationsstraat, vormt een directe verbinding met het nieuwe, in 1861 aangelegde Tacambaroplein, op de plaats van de vroegere Beverepoort, en het oude stadscentrum. De straat vormt de hoofdas van het nieuwe planmatig aangelegde stationskwartier, op de verdwenen noordelijke stadsvesten en grotendeels geürbaniseerd in het laatste kwart van de 19de eeuw, voornamelijk vanaf de jaren 1880-90. Het straatbeeld wordt dan ook voornamelijk bepaald door burgerhuizen in historiserende stijlen en eclectische baksteenarchitectuur. Uit het kadasteronderzoek en de inventarisgegevens blijkt dat het herenhuis met winkel dat de heer Charles De Saegher liet bouwen in 1875 één van de eerste woningen is die in de Stationsstraat opgetrokken werden.

Beschrijving

Neoclassicistisch herenhuis van vier traveeën en twee bouwlagen onder pannen zadeldak, volgens archiefgegevens gebouwd in opdracht van de heer Charles De Saegher, handelaar, in 1875 samen met de aanpalende winkelpand. De voorgevel werd volledig volgens het nog bewaarde bouwplan van het stadsarchief uitgevoerd. De statische voorgevel met koetspoort links en gemarkeerde zijrisalieten met balusterbalkons lijkt sterk geïnspireerd op nog bestaande classicistische herenhuizen uit het einde van de 18de eeuw in Oudenaarde, zoals de beschermde herenhuizen Baarstraat 18 en Einestraat 23. Hier vinden we eenzelfde gevelordonnantie, balkons en gebogen frontonbekroningen op de bovenverdiepingen terug. Deze classicistische stijl werd ingevoerd in Oudenaarde met de bouw van het zogenaamde Vleeshuis en Tekenacademie op de Markt, een ontwerp van 1780-1783 door de architecten Ph. Van der Meersch en A. Van den Hende, oprichters van de academie in 1773.

Gepleisterde en geschilderde voorgevel op een plint van hardsteenplaten voorzien van drie keldergaten met afgeronde hoeken. Horizontaal gemarkeerde lijstgevel met imitatiebanden op de begane grond, een hardstenen puilijst en kordon ter hoogte van de onderdorpels en balkons. Een uitgewerkt klassiek hoofdgestel met gelede architraaf, fries met spiegels en een houten kroonlijst op klossen; intussen verdwenen gekoppelde modillons boven de zijrisatieten lijnt de gevel af. Vertikaal licht gemarkeerde zijrisalieten voorzien van zware hardstenen balusterbalkons op de bovenverdieping. Linker poortrisaliet met behouden originele vleugelpoort met panelen en sporen van blauwe beschildering; verdwenen koperen leeuwenkopjes. Rechthoekige vensters, op de begane grond in verdiepte hardstenen nissen, op de bovenverdieping in geprofileerde hardstenen omlijstingen met oren, uitgespaarde bovenhoeken met schijfmotief, spiegel en bekronende gebogen frontons bij de deurvensters en rechte kroonlijst bij de twee middenvensters. Nog oorspronkelijk T-vormig schrijnwerk en binnenluiken. Twee zware hardstenen balkons op voluutconsoles en voorzien van balusters tussen de hoekpostamenten markeren de zijrisalieten. Uit voorzorg voor het vallen van brokstukken werd over de hele breedte van de gevel een houten plank aangebracht.

De achtergevel was oorspronkelijk beraapt en horizontaal gemarkeerd door geprofileerde lijsten. Op de begane grond is de beraping haast volledig verdwenen en de aangebouwde keuken gesloopt. Ook de schouw van de keuken die deels in de achtergevel ingewerkt was is afgebroken . De rechthoekige bovenvensters zijn gevat in een geprofileerde stucomlijsting. De kleine tuin is overwoekerd door bomen en struiken.

Behouden plattegrond van een enkelhuis met typische koetsdoorrit links, bordes van vier treden naar de centraal achteraan gelegen traphal en de twee salons voor- en achteraan rechts. Een klein kamertje in het midden vooraan staat in verbinding met het trappenhuis en het salon vooraan. Trappenhuis, thans afgesloten door een houten beschot, gemarkeerd door pilasters met eclectisch stuckapiteel, op de overloop verlicht door een getoogd venster met roedeverdeling en centraal medaillon. Brede bordestrap met uitgewerkte trappaal in de vorm van een zuil met composietkapiteel en spijlenleuning. Plafond boven de vide met mooie centrale rozet met vier puttifiguurtjes. De salons behielden hun originele stucplafonds met fijne omlopende lijsten en bladfriezen en uitgewerkte centrale rozetten; de marmeren schouwmantels zijn verdwenen. Op de bovenverdieping zijn de verschillende kamers geschikt rond een vijfzijdige overloop met trapkast van de zoldertrap aan de linker zijde, geflankeerd door twee schuin geplaatste deuren naar de linker voor- en achterkamer. Hier zijn de eenvoudige marmeren schouwmantels en het omlopende lijstwerk behouden. De kelder onder het rechter deel van de woning is overwelfd met troggewelven gestut door houten kolommen. Het bijhorende winkelpand werd in 1966 gesloopt en vervangen door een nieuwe bouw, eveneens met winkelfunctie.

  • Gent, kadasterarchief. Oudenaarde stadsarchief, Fonds kaarten en plans, K. 246.
  • Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen, deel 15n 1, Arrondissement Oudenaarde, Stad Oudenaarde met fusiegemeenten, Tielt, 1996, p. 196-197.
  • TULLEKENS M.J. – DE SMET M. , Oudenaarde in oude prentkaarten, Zaltbommel, 1972, p. 44.

Bron: Beschermingsdossier DO002339

Alle teksten

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Stationsstraat (Oudenaarde)

Stationsstraat (Oudenaarde)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.