erfgoedobject

Gemeentehuis van Tielen en dorpsplein

bouwkundig element
ID: 47377   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/47377

Juridische gevolgen

Beschrijving

Het gemeentehuis van Tielen dateert uit de 19de eeuw en is gelegen op een driehoekig dorpsplein met onder andere een dorpspomp, vrijheidsboom en Onze-Lieve-Vrouwebeeld.

Historiek

Tielen en Lichtaart zijn de twee deelgemeentes van de hoofdgemeente Kasterlee. Tot 1977 was Tielen een zelfstandige gemeente, met een eigen gemeentehuis in het centrum.

Aanvankelijk zetelde de gemeenteraad in een kamer die gehuurd werd bij een burger. Door een tekort aan ruimte voor het bewaren van de gemeentelijke documenten besloot men in 1838 een gemeentehuis te bouwen waarvoor toenmalig provinciaal architect F. Berckmans een ontwerp opmaakte. Wegens bepaalde redenen werd afgezien van de bouw. Circa 1850 vergaderde de gemeente in de onderpastorie waarvan één kamer gebruikt werd voor het opbergen van de archieven. Circa 1857 werd een 'gemeentekamer' aangebouwd tegen de bestaande school naar een ontwerp van J. Van Gastel (Kerkstraat nummer 3). Deze kamer werd reeds circa 1871 verbouwd tot onderwijzerswoning door P.J. Taeymans. Begin 1875 besloot de gemeente dan toch om een volwaardig gemeentehuis op te trekken.

Het gemeentehuis, werd gebouwd in 1876-1877 naar ontwerp van provinciaal bouwmeester P.J. Taeymans (ontwerp dateert van 12 februari 1876) en is opgetrokken in een neoclassicistische bouwstijl, gecombineerd met traditionele elementen.

Met de modernisering van de infrastructuur van de gemeenten, kwamen naast grote openbare bouwwerken ook kleinere aspecten aan bod zoals een verbetering van de openbare drinkwatervoorziening. Op diverse dorpspleinen verrezen dorpspompen die naast het leveren van zuiver en gezond water in eerste instantie fungeerden als een centrale bevoorradingsplaats voor de brandspuit. Op het gekasseide voorpleintje van Tielen staat een dorpspomp (1868) naar ontwerp van toenmalig provinciaal architect J. Van Gastel (circa 1819-?). De linde ernaast werd geplant als vrijheidsboom na de Eerste Wereldoorlog (1919). Aan weerszijden van het gemeentehuis staat telkens nog een jong volwassen lindeboom geplant circa 1880-1890. Het achterplein werd aangelegd circa 2000 en wordt nu grotendeels ingenomen door jonge bomen en plantsoenen.

Na het verliezen van zijn functie als gemeentehuis werd het gebouw geruime tijd gebruikt door diverse gemeentelijke diensten en de lokale heemkundige kring. Zowel het exterieur als het interieur ondergingen in de daaropvolgende decennia een aantal aanpassingen/verbouwingen. Die aan het exterieur raakten niet grondig aan het specifieke karakter en de uniformiteit van het gebouw (onder meer het wijzigen of toevoegen van bepaalde muuropeningen, het vernieuwen van het schrijnwerk inde jaren 1990, verwijdering van de bepleistering op het bordes, …); in het interieur vonden grondigere ingrepen plaats onder meer aan de oorspronkelijke planindeling van beide niveaus. Op initiatief en onder leiding van de gemeente werd na een grondige renovatie op 25 april 2010 het voormalige gemeentehuis heropend als 'erfgoedhuis' met op het gelijkvloers een nieuw en modern ingericht archief- en documentatiecentrum, op de bel-etage bleef de bestaande planindeling ongeveer behouden met links de voormalige raadzaal, heden nog in gebruik als trouwzaal of voor andere evenementen, en rechts een nieuw ingerichte gildenkamer voor de vijf gilden van de gemeente Kasterlee.

Beschrijving

Ter hoogte van de Sint-Margarethakerk bevindt zich een langgerekt driehoekig dorpsplein. Centraal ligt het voormalige gemeentehuis voorafgegaan door een gekasseid pleintje met een arduinen dorpspomp en een lindeboom, geplant als vrijheidsboom na de Eerste Wereldoorlog (1919). Achter het gemeentehuis staat een Onze-Lieve-Vrouwebeeld (zandsteen) op arduinen sokkel, gesigneerd met 'Floris De Cuijper' (1875-1965), opgericht na de Tweede Wereldoorlog (1946) als dank voor de geboden bescherming, en is verder aangelegd met bloemenperken, omhaagde zithoekjes en deels beboomd met jonge linden. Aan weerszijden van het gemeentehuis staan twee jong volwassenen lindebomen (1880-1890).

Gemeentehuis

Het gemeentehuis is een vrijstaand rechthoekig volume met dubbelhuisopstand van vijf op twee traveeën en één bouwlaag met souterrain onder een schilddak (Vlaamse pannen). Achteraan bevindt zich een uitbouw van drie op één traveeën onder haaks schilddak (Vlaamse pannen). De bel-etage wordt voorafgegaan door een bordes met dubbele arduinen steektrap voorzien van een zandstenen balustrade met arduinen sokkel, deksteen en dito postamenten met verdiepte zijden en bekronend bolornament. De risalietvormende middentravee is uitgewerkt als een imposante drieledige toren onder een spits oplopend leien schilddak met aan de voorzijde een grote beluikte dakkapel met gebogen fronton, hogerop aan elke zijde een houten dakkapelletje met smeedijzeren versiering, en eindigend op een smeedijzeren vorstkam. De bovenste geleding is uitgewerkt met gekanteelde hoektorentjes, van (deels) gecementeerde en beschilderde natuursteen met een tussenin lopende dito boogfries en afgelijnd met een houten kroonlijst. De bakstenen lijstgevels hebben bepleisterde, grijs- of witgeschilderde onderdelen (onder meer muurbanden) en een houten tand- en kroonlijst. De voorgevel is neoclassicistisch uitgewerkt met een knipvoeg, arduinen plint, een zandstenen puilijst en dito hoekpilasters, bepleisterde geblokte hoekpilasters, een geriemde plattebandlijst boven de vensters, een paneeldecoratie op de borstwering met oren en guttae en een klassiek hoofdgestel met architraaf, fries, tand- en kroonlijst. De andere gevels zijn gelijkaardig, maar soberder uitgewerkt, met een gecementeerde plint, bakstenen hoekpilasters, bepleisterde en beschilderde muurbanden, kordon en paneeldecoratie op de borstwering. In de rechterzijgevel bevindt zich een arduinen gedenksteen met vermelding van de bouwmeester en het jaar "1876". In de zijgevels zitten gedenkstenen, ter herinnering aan de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Segmentboogvormige muuropeningen met een bekronende geriemde plattebandlijst, de vensters van de bel-etage met zandstenen lekdrempels, die van de begane grond met arduinen lekdrempels. Centraal bevindt zich de hoofdinkom met een houten vleugeldeur voorzien van een tweeledig bovenlicht, bekroond door het gemeentewapen. Het schrijnwerk werd vernieuwd en voorzien van een dubbele beglazing: vensters van de bel-etage met houten schrijnwerk en een verdeling naar oud model namelijk een kruisvormige hoofdverdeling met vaste bovenlichten en een fraaie gedetailleerde roedeverdeling; vensters van de begane grond met een roedeverdeling tussen de beglazing. In de achtergevel of uitbouw zitten verschillende blindvensters ten gunste van een evenwichtige gevelgeleding, zie het blind getralied venster ter hoogte van de voormalige gevangenis, alsook een recent toegevoegde buitendeur (ongeriemde plattebandlijst); zijgevel met een bestaande poortopening waarin later ingebrachte vensterdeuren.

Het torenvolume is verder uitgewerkt met een zandstenen puilijst voorzien van een lijst met getrapt motief, met onder een segmentbogige lijst gekoppelde vensters, een medaillon met jaartal ‘1876’ en een gecementeerde boogfries die de gekanteelde hoektorentjes verbindt.

Voornamelijk op de begane grond werden bepaalde muuropeningen gewijzigd/gedicht of van bij het begin anders uitgevoerd, zie oorspronkelijk ontwerp. De schoorstenen werden verwijderd, zie het ontwerp en oude prentkaarten. In de jaren 1990 werd het schrijnwerk vernieuwd (zoals hierboven reeds vermeld) en werd het bordes met hoofdtrap grondig hersteld en heropgebouwd naar oud model met recuperatie (balustrade) en vervanging (nieuwe arduinen trappen) van oude onderdelen. Voortgaande op oude prentkaarten was zowel de risalietvormende ingangstravee op de begane grond van het bordes alsook de driehoekige zijpanden omlijst met een bepleisterde band; deze decoratie werd bij de herstelling/reconstructie niet meer herhaald.

Interieur gemeentehuis

De oorspronkelijke plattegrond toont zowel op de begane grond als de hoofdverdieping een centrale gang van voor- naar achtergevel die eindigt op de vertrekken van de achterbouw, met telkens links twee vertrekken en rechts één ruim vertrek. Op de bel-etage lagen de belangrijkste vertrekken, rechts de raadkamer met schouw en links de 'armenraadkamer' en het kadasterlokaal. Het secretariaat en de archiefkamer bevonden zich in de achterbouw, laatstgenoemde met schouw en in rechtstreekse verbinding met de raadkamer. De begane grond werd hoofdzakelijk ingenomen door bergingen voor onder meer de brandspuit, materialen en kolen en een gevangenis.

Behalve de gang werd de planindeling alsook de aankleding en inrichting van de meeste vertrekken in verschillende periodes aangepast/heringericht. Op beide verdiepingen bevindt zich nu naast voormelde gang telkens één ruim vertrek: de scheidingsmuur tussen de twee linkervertrekken werd verwijderd en de nieuw verkregen ruimte werd heringericht. Op de bel-etage bevond de raadkamer zich oorspronkelijk rechts van de gang; later verhuisde deze naar het vertrek links van de gang, zie de later ingebrachte schouw en lambrisering. Bij de laatste renovatie werd voornamelijk het interieur van de begane grond opnieuw sterk verbouwd en gemoderniseerd, op de bel-etage bleef de bestaande toestand (telkens één ruim vertrek aan weerszijden van de gang) behouden, mits de toevoeging van een scheidingsmuur tussen twee vertrekken in de achterbouw: in plaats van twee plaatsen en de (originele) trap (zie het ontwerp) is dit gedeelte heden opgedeeld in drie kleinere vertrekken en de trap.

De muren zijn recent behangen en/of beschilderd; de vloeren hebben een kunststofbekleding, tegels (gebakken of cementtegels) of planken; originele beschilderde paneeldeuren, enkelvoudige en vleugeldeuren, laatstgenoemde voorzien van een te openen paneeltje, tussendorpels van gesinterde steen. In het hoofdgebouw bevindt zich een brede middengang van voor- tot achtergevel, eindigend op een vleugeldeur die toegang geeft tot het middelste vertrek van de achterbouw. De vloer heeft een boord van donkergrijze gebakken tegels, ingevuld met rode gebakken tegels, een centrale band van voornamelijk licht gekleurde en rode diamantvormige en ruitvormige cementtegels met ter hoogte van de pilasters korte banden omboord met een cementtegel met meandermotief; een wandgeleding met pilasters, tegenover de deur van de rechtse kamer bevindt zich een door pseudo-pilasters geflankeerd rondboogveld, nog ingetekend op het oorspronkelijk ontwerp.

De voormalige raadzaal (linkervertrek) is een tweedelige ruimte voorzien van plafonds met lijstwerk. De bakstenen schouw met houten schouwbalk en de houten lambrisering met een decoratieve fries werden later ingebracht; ter hoogte van de vroegere scheidingsmuur zit nu een houten balk op consoles met leeuwen in reliëf. De schouwen in het vertrek rechts (gildenkamer) alsook in het hierop aansluitende kamertje in de achterbouw, zijn verwijderd. De twee originele boekenkasten, momenteel beschilderd, stonden oorspronkelijk aan weerszijden van de schouw in laatstgenoemde kamertje, heden staan deze in de middelste kamer van de achterbouw wat toegang geeft tot de sanitaire vertrekken. Originele steile houten bordestrap naar de zolder met beschilderde spanten. De begane grond werd volledig vernieuwd en heringericht: de brede middengang werd ingericht als leeszaaltje met links en rechts een vertrek (vergader- en opzoekingsruimte). In de achterbouw zit een keuken, berging en sanitair. De gang wordt voorafgegaan door een glazen tochtportaal, is overwelfd met bakstenen troggewelven en ijzeren liggers.

Dorpsplein

Op het dorpsplein bevinden zich als belangrijkste kenmerken een dorpspomp en een vrijheidsboom.

De dorpspomp is een arduinen vierkante constructie bestaande uit een (deels vernieuwde) getrapte sokkel met afgeschuinde hoeken en een halfrond waterbekken en een pijler met kwartholprofiel op de hoeken, onder een puntige monumentale deksteen met een opvallende verjongende bekroning: een middenpijler met een puntige deksteen en (oorspronkelijk) een bolornament, met aan elke zijde een aanleunende gelijkaardig uitgewerkt pijlertje. De huidige ijzeren zwengelpomp is vermoedelijk later aangebracht; de oorspronkelijke zwengel was bevestigd aan de rechterzijde van de pijler.

  • Kadasterarchief Antwerpen, Mutatieschetsen Kasterlee/Tielen, 1876/10.
  • Provinciaal Archief Antwerpen, Gemeentehuizen, plannen 6, Tielen, dossier 3.
  • GRIETEN S., MIGOM S., SAS B. & VAN DE VIJVER D., 2006: Sterk gebouwd en makkelijk in onderhoud. Ambt en bouwpraktijk van de provinciale architecten in de provincie Antwerpen (1834-1970), Brugge.
  • KENNES H. & STEYAERT R. 2001: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Antwerpen, Arrondissement Turnhout, Kanton Herentals, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 16N3, Brussel - Turnhout.
  • LAMBRECHTS S. 2002: Pieter Jozef Taeymans (1842-1902). Provinciaal bouwmeester te Turnhout. Een benadering van zijn oeuvre via het burgerlijke type van de gemeentehuizen, onuitgegeven licentiaatsverhandeling Universiteit Gent.

Bron     : Onroerend Erfgoed, Digitaal beschermingsdossier 4.001/10000/D2522.1, Gemeentehuizen, stadhuizen, districtshuizen en vredegerechten in de provincie Antwerpen
Auteurs :  De Sadeleer, Sibylle
Datum  : 2012

Aanvullende informatie

In de zijgevel van het oude gemeentehuis, heden Erfgoedhuis, is een gedenkplaat aangebracht met de namen van de gesneuvelden van de Eerste Wereldoorlog, volgens inscriptie ingehuldigd op 7 september 1919 en uitgevoerd door J. Nuyens, Turnhout.

Auteurs : Van Severen, Elke
Datum: 01-02-2014

Relaties

  • Omvat
    Gekandelaarde linde als vredesboom
    Tielendorp zonder nummer (Kasterlee)

  • Omvat
    Twee dorpslinden bij gemeentehuis Tielen
    Tielendorp (Kasterlee)

  • Is deel van
    Tielendorp
    Tielendorp (Kasterlee)

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Gemeentehuis van Tielen en dorpsplein [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/47377 (Geraadpleegd op 16-10-2019)