Parochiekerk Sint-Niklaas

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Knokke-Heist
Deelgemeente Westkapelle
Straat Dorpsstraat
Locatie Dorpsstraat zonder nummer, Knokke-Heist (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Knokke-Heist (adrescontroles: 14-01-2008 - 25-01-2008).
  • Inventarisatie Knokke-Heist (geografische inventarisatie: 01-01-2001 - 31-12-2005).

Juridische gevolgen

is beschermd als monument Parochiekerk Sint-Niklaas

Deze bescherming is geldig sinds 04-07-1996.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Niklaas

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

omvat de bescherming als stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Parochiekerk Sint-Niklaas: omgeving
gelegen te Dorpsstraat zonder nummer (Knokke-Heist)

Deze bescherming is geldig sinds 04-07-1996.

Beschrijving

De kerk is beschermd als monument op 04/07/1996, de omgeving van de kerk als dorpsgezicht op 04/07/1996.

Historiek

Circa 1075-1080 worden op het grondgebied van de uitgestrekte parochie Oostkerke vier kapellen opgericht waaronder één te Westkapelle, circa 1235 wordt Westkapelle een onafhankelijke parochie.

Er stond reeds een kerk in de 12de eeuw; vervangen door een vroeg-gotische kerk in de 13de eeuw waarvan de kruisingstoren en het transept nog deels resten (groot formaat baksteen in transeptgevels en de vieringskern met zware moerpijlers). In 1405 wordt de torenspits in brand gestoken door Engelse soldaten (zie Honderdjarige Oorlog). De kerktoren - een belangrijke baken voor koopvaarders die het Zwin binnenvaren - wordt omwille van het economische belang hersteld in 1409-1413 met financiële middelen van de Vier Leden (het Brugse Vrije, Brugge, Ieper en Gent). In een schenkingsakte van 1503 aan de kerk wordt een van de zijaltaren omschreven als toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw. Einde 16de eeuw wordt de kerk zwaar beschadigd tijdens godsdiensttroebelen. Het verwoeste schip wordt in tegenstelling tot het oostgedeelte niet heropgebouwd: hoofdkoor (1618), noordkoor en noordtranseptarm, voorportaal (1639), zuidkoor en zuidtranseptarm (1640-1642). In 1675 brandt de torenspits af na een blikseminslag. In 1710, herstelling van de kerktoren: herstellen van de klokkenstoel, herstellen en herdekken van de spits. In 1759-1761 wordt de kerkhofmuur aangetast door de aanleg van de steenweg Brugge-Westkapelle, herstelling in 1761. Tijdens de Franse Revolutie worden de roerende goederen van de kerkfabriek verkocht; in 1802 wordt de kerk heropend. Na het herschilderen van het interieur in 1806 wordt in 1808 een nieuw kerkorgel (Van Peteghem) aangekocht. In 1828-1829 herstel van het sanctuarium en bouw van een nieuwe vontekapelle. In 1837-1838 wordt de kerktoren, en vermoedelijk ook de spits, hersteld. Iconografie uit de tweede helft van de 19de eeuw en het begin van de 20ste eeuw toont echter een toren zonder spits.

Aan het begin van de 20ste eeuw was de kerk te klein geworden. In 1906-1909 vinden uitbreidings- en herstellingswerken plaats naar ontwerp van de Brugse architect Alfons Depauw: de drie beuken worden westwaarts doorgetrokken. Tegelijkertijd wordt het achtzijdig gedeelte van de toren gedeeltelijk hersteld en van een spits voorzien, de barokvensters worden in gotische spitsboogvorm hermetst. De plafonds van 1782-1784 worden vervangen door houten spitstongewelven; een belangrijk gedeelte van de barokke aankleding wordt verwijderd. In 1992-1994 worden algemene herstellingswerken uitgevoerd n.o.v. architect W. Cattoor (Heist).

Beschrijving

Georiënteerd bedehuis, gelegen ten oosten van de Dorpsstraat, omringd door grasplein - het voormalige kerkhof, opgeruimd in 1896-1897 - afgezet door middel van een geleide linderij en een bakstenen muurtje onder ezelsrug. Rondom de kerk ommegang, bestaande uit vijf bakstenen kapelletjes met bas-reliëfs in verband met het leven van de Heilige Livinius. Ten westen voor de kerk, gedenksteen voor de militaire en burgerlijke slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog, van circa 1920 gesigneerd M. Poppe: hoogreliëf met voorstelling van Maria die een hand legt op twee soldaten links en rechts van haar, op de achtergrond de vernieling van de gemeente.

Verankerde gele baksteenbouw. Gebruik van Balegemse zandsteen in de hoofdkoorsluiting voor band en de doorgetrokken vensterdorpels. Afdekking door middel van leien zadeldaken.

De plattegrond ontvouwt een rechthoekig portaal, een driebeukig schip van vier traveeën, een vierkante vieringtoren, een transept van één travee en een koorpartij bestaande uit een hoofdkoor van drie rechte traveeën en een driezijdige sluiting, en twee zijkoren van respectievelijk twee rechte traveeën en een vlakke sluiting, en een zuidsacristie.

Gevels geritmeerd door middel van steunberen met versnijdingen en spitsbogige twee- of drielichten. Tuitgevels ter afsluiting van de westpartij, het transept en de zijkoren; in het noordkoor afgewerkt met muurvlechtingen, in de zuid- en westgeveltoppen met oculi.

Achtzijdige kruisingstoren van twee geledingen op een vierzijdige basis. Spitsbogige galmgaten onder aflijnende tandlijst met dropmotief. Opengewerkte borstwering. Leien spits met houten dakkapellen. Noordoostelijk traptorentje onder bakstenen, zeszijdige spits.

Bepleisterde en beschilderde hallenkerk overwelfd door middel van houten spitstongewelven; bakstenen kruisribgewelf (1648) met mangat ter hoogte van de viering. Spitsbogige scheibogen op bakstenen zuilen met achtzijdige sokkel en rond kapiteel. Ter hoogte van het koor en de viering steunend op bundelpijlers, in de viering geflankeerd door halfzuilen. In de kerk een aantal grafzerken uit de 17de en 18de eeuw.

Mobilair. Eclectische altaren naar ontwerp van architect A. De Pauw van 1907. Rococogetinte houten communiebanken van 1755-1757 door Pieter De Roo (noordkoor). Houten preekstoel van 1745 door schrijnwerker Jan Clauwaert (Brugge). Houten biechtstoel (noordbeuk) van 1648 door schrijnwerker Jacques du Blon. Houten biechtstoel (zuidbeuk) van 1752-1754 door Pieter De Roo. Twee houten koorgestoelten (hoofdkoor) uit het midden van de 19de eeuw. Doksaal en orgelkast (noordkoor) van 1648 door timmerman Clement de Prince. Van Peteghemorgel van 1808. Marmeren doopvont van circa 1836.

  • AFDELING ROHM WEST-VLAANDEREN, Cel Monumenten en Landschappen, Archief, nummer 725.
  • JACOBS M., Zij die vielen als helden. Cultuurhistorische analyse van de oorlogsgedenktekens van de twee wereldoorlogen in West-Vlaanderen, 2 delen, Brugge, 1995, deel 2, p. 425-426.
  • LANNOY D., Knokke-Heist. Terugblik, Maldegem, 1998, p. 124, 140-142.
  • DEVLIEGHER L., De Zwinstreek, in: Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, deel 4, Tielt-Utrecht, 1970, p. 179-191.

Bron: Callaert G., Vanneste P. & Hooft E. met medewerking van De Leeuw S. & Struyf J. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Knokke-Heist, Deel I: Deelgemeente Knokke, Deel II: Deelgemeenten Heist, Ramskapelle, Westkapelle,Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL4, (onuitgegeven werkdocumenten).

Datum tekst: 2005

Aanvullende informatie

Op 26 maart 2013 viel de kerk ten prooi aan een hevige brand, die de kerk bijna volledig verwoestte. Ook de torenspits stortte in.

Hooft, Elise (27-03-2013 )

Relaties

maakt deel uit van Dorpsstraat

Dorpsstraat (Knokke-Heist)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.