erfgoedobject

Bloemmolens Société Minoterie et Huilerie de Dixmude

bouwkundig element
ID: 77926   URI: https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/77926

Juridische gevolgen

Beschrijving

Zogenaamde "Bloemmolens" van de "Société Minoterie et Huilerie de Dixmude", beschermd als monument bij M.B. van 17.10.1995. Industrieel-archeologische site gelegen aan de samenvloeiing van IJzer en Handzamevaart, recent geïntegreerd in het stadsuitbreidingsproject "Hof ter Bloemmolens", waarbij de 'Bloemmolens' zelf werden omgebouwd tot het cultureel-toeristisch centrum "Westoria".

1836: "Van Hille frères, destillateurs" richten een suikerfabriek op aan de Bloemmolenkaai ten zuidoosten van de Hoge Brug, waar thans het 'Hotel Sint-Jan' is gesitueerd.
1891: aankoop van de sedert 1880 leegstaande gebouwen van de oude suikerfabriek aan de IJzer door de Diksmuidse nijveraar Eugène Devos-Quatannens, die ze de komende jaren ombouwt tot een moderne stoommaalderij of 'Minoterie'.
1914-1918: na de val van Diksmuide (10 november 1914), wordt de stevige betonnen 'Minoterie' door de Duitsers omgebouwd tot een oninneembaar arendsnest op nauwelijks 20 m van de Belgisch-Franse linie op de linkeroever van de IJzer. Kort na de Eerste Wereldoorlog wordt de 'Minoterie' een ware attractie in het ontluikende fronttoerisme.
1921: E. Devos draagt bij notariële akte al zijn rechten op oorlogsschadevergoeding over aan de "Société Anonyme Minoterie et Huilerie de Dixmude", waarin hij de functie van dienstdoend directeur waarneemt.
1922: de uiteindelijke bescherming van de voormalige 'Minoterie' als "site de guerre" door het Ministerie van Defensie in 1922 verhindert de wederopbouw van de "Bloemmolens" op dezelfde plaats. De Société krijgt een nieuw bouwterrein toegewezen bij de samenvloeiing van de Handzamevaart en de IJzer. Met de financiële steun van de Dienst der Verwoeste Gewesten wordt door de firma "Schneider-Jaquet" een nieuw industriëel complex opgetrokken, met o.m. de twee bewaarde bloemmolentorens, een olieslagerij, een machinekamer, een meststoffenmagazijn, bureaus, een conciërgerie, de haveninfrastuctuur, enz.
1923 - 1932: omwille van moeilijkheden worden de "Bloemmolens" in de eerste jaren niet in werking gezet. Circa 1932 wordt het geheel verkocht aan "N.V. Florizoone en Cloet", meststoffen- en graanhandelaars uit Veurne.
Circa 1960: de olieslagerij wordt ontmanteld en het machinepark als schroot verkocht.
1996: oprichting van de "vzw Bloemmolens 2002" met als doelstelling de industrieel-archeologische site om te vormen tot een educatief streekmuseum.
1998-2000: restauratie van de twee torenvolumes naar ontwerp van "B.V.B.A. Studiebureau Ir. Ch. Lobelle". De westelijke toren wordt vnl. herbestemd als tentoonstellingsruimte, terwijl voor de oostelijke toren geopteerd wordt voor een industrieel-archeologisch maalderijmuseum met het behoud van het integrale machinepark.

Industrieel-archeologisch complex van twee torens, voorheen voor overslagfuncties met elkaar verbonden door een zadelvormig afdak. Thans afgesloten door een hedendaagse, zadelvormige constructie voor de onthaalfunctie van het cultureel-toeristisch centrum (zie restauratie 1998-2000).
Westelijke toren. Rechthoekige toren van zes bouwlagen onder plat dak. Respectievelijk vier en tien traveeën. Voortijds hoofdzakelijk silofunctie en aanverwante taken.
Oostelijk toren. Eigenlijke maalderij. Rechthoekige toren van zes bouwlagen onder plat dak. Respectievelijk twee en tien traveeën. Beide torenvolumes zijn opgetrokken in een zichtbaar gelaten betonnen skeletstructuur, ingevuld met rode bakstenen gevelwanden verlevendigd met siermotieven in gele baksteen.
Lijstgevels afgesloten met een zware geprofileerde betonnen kroonlijst en hoger oplopende borstwering in gele baksteen, telkenmale bekroond met centraal gebogen fronton, met ter hoogte van de voorgevels het opschrift "N.V. BLOEMMOLENS DIKSMUIDE". Twee bovenste bouwlagen van de voorgevel eveneens in gele baksteen. Muuropeningen: enkelvoudig, gekoppeld of geschrankt in de hoogte; bovenverdieping met drievoudig gekoppelde ramen.
Interieur: betonskeletstructuur met hoofdzakelijk houten vloerconstructies en integraal bewaarde elektrisch aangedreven maalinrichting.

  • AFDELING ROHM WEST-VLAANDEREN, Cel Monumenten en Landschappen, archief nr. 626.
  • INVENTARISATIE VAN RELICTEN UIT WO I IN DE WESTHOEK (Provincie West-Vlaanderen, "Oorlog en Vrede in de Westhoek", en Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Monumenten en Landschappen).
  • DEBAEKE S., Het drama van de dodengang, Koksijde, 1998, p. 128.
  • DEMOEN H., Inleiding tot de geschiedenis van de Bloemmolens van Diksmuide, ongepubliceerde historische nota, 1997.
  • Kultureel-toeristisch centrum "De Westhoek" in de torens van de voormalige maalderij "De Bloemmolens van Diksmuide", onuitgegeven toelichtingsnota, s.d. (N.V. Desimpel).

Bron     : Missiaen H. & Vanneste P. met medewerking van Gherardts F. & Scheir O. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Diksmuide, Deel I: Deelgemeenten Diksmuide, Beerst, Esen, Kaaskerke, Keiem en Lampernisse, Deel II: Deelgemeenten Leke, Nieuwkapelle, Oostkerke, Oudekapelle, Pervijze, Sint-Jacobskapelle, Stuivekenskerke, Vladslo en Woumen, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL18, (onuitgegeven werkdocumenten).
Auteurs : Vanneste, Pol, Missiaen, Halewijn
Datum  : 2005


Relaties

Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Bloemmolens Société Minoterie et Huilerie de Dixmude [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/77926 (Geraadpleegd op 20-05-2019)