Windmolenromp en molenaarswoning

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Alternatieve naam Vandenbussches molen; Vandemoorteles molen; Van Couillie's molen; Afgeschoten molen; Vredesmolen
Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Houthulst
Deelgemeente Klerken
Straat Molenweg
Locatie Molenweg zonder nummer, 10, Houthulst (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Juridische gevolgen

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Molenromp

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is beschermd als stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Windmolenromp en molenaarshoeve

Deze bescherming is geldig sinds 01-04-1999.

omvat de bescherming als monument Windmolenromp
gelegen te Molenweg zonder nummer (Houthulst)

Deze bescherming is geldig sinds 01-04-1999.

Beknopte karakterisering

Tags Eerste Wereldoorlog, wederopbouw

Beschrijving

Molenromp van de voormalige stenen graan- en oliewindmolen beschermd als monument bij M.B. van 01/04/1999. De omgeving van de molen met onder meer de molenaarswoning en -hoeve is bij het zelfde M.B. beschermd als dorpsgezicht. De molen is gelegen op het gehucht "De Smisse" op het hoogste punt van Klerken, (43 meter boven de zeespiegel), ten zuidoosten van de Molenweg. Het is de eerste heuvelkam (deel uitmakend van de heuvelrug Geluveld-Staden-Klerken) ten oosten van het IJzerfront. Deze omgeving was dan ook een strategisch belang tijdens de Eerste Wereldoorlog. De naamgeving van de molen veranderde doorheen de tijd naargelang de molenaarsfamilie die er werkzaam was: "Vandenbussches molen" in de tweede helft van de 19de eeuw, "Vandemoorteles molen" in de eerste helft van de 20ste eeuw. Ook bekend als "Van Couillie's molen", de "afgeschoten molen" of de "vredesmolen".

Geschiedenis van de site

De huidige molensite gaat terug op een molen in 1766 opgericht in opdracht van molenaar J.F. de Necker (Klerken), deze is aangeduid op de Ferrariskaart (1770-1778) en de kaart van Ph. Vandermaelen (circa 1850). Het betreft een oliewindmolen - een houten staakmolen (zie octrooibundel bewaard in het Algemeen Rijksarchief te Brussel, fonds 'Raad van financiën). In 1791 wordt de oliewindmolen ook ingericht als graanmolen. Hiertoe wordt de molenkast ingericht met een derde zolder. Op de kaart van Ph. Vandermaelen (circa 1850) is de molen aangeduid als "Stampkot Molen"; ook de hoeve (de huidige molenaarshoeve) ten noordoosten van de molen, aan de andere zijde van de Molenweg is reeds aangeduid. In 1879 laat molenaar L. Vandenbussche de houten staakmolen vervangen door een roodbakstenen stellingmolen met ijzeren galerij. De benedenverdieping fungeert als olieslagerij voor kool- en lijnzaad (met kollergang, vuring en perslade met heien), voorts vier zolders met twee koppels maalstenen. In 1880 wordt een stoommachine geplaatst in een bakstenen bijgebouw met schoorsteen. In 1901 wordt de olieslagerij verwijderd maar de molen blijft in werking als graanmolen tot in 1914.

De molen doorstaat vrij goed de doortocht van de Duitsers in 1914. Later tijdens de Eerste Wereldoorlog fungeert de molen als Duitse observatiepost, en is ze via een onderaardse gang verbonden met de "Flandern II Stellung", een Duits verdedigingsbolwerk ter hoogte van Handzame, Hooglede en Roeselare. In 1917 brandt de molen - naar verluidt per toeval - uit. De molen met strategische observatiepost wordt op 29 september 1918, als laatste Duitse bolwerk, door het Belgisch leger heroverd. De bronzen gedenkplaat van 1963 op de molen herinnert hieraan; opschrift in hoogreliëf: "DEZE HOOGTE WERD OP 29 SEPT. 1918 HEROVERD DOOR DE 2-22 EN 3 LINIEREG(IMEN)TEN GESTEUND DOOR DE 1 EN 13 ART(ILLER)IE" (zelfde tekst in het Frans). De molen wordt bij deze herovering zwaar beschadigd (schade aan het parement, de volledige romp blijft echter bewaard). Ook de hoevegebouwen worden vernield. De molenromp blijft na de oorlog particulier bezit en wordt nooit hersteld. De molen vormt bijgevolg een materiële getuige van de strategische rol die deze en andere windmolens van de frontstreek in de Eerste Wereldoorlog opgedrongen kregen. In 1983 stort een deel van de molenromp in. In 1997 start de dorpsraad een actie om de molen te redden, in 1999 wordt de molen beschermd als monument.

Beschrijving

Roodbakstenen molenromp met sporen van kalkbeschildering (baksteenafmetingen: 21 x 10,5 x 6 centimer). Rondbogige muuropeningen (deels blind of dichtgemetseld op de tweede verdieping) met geschrankte opstelling, gevat in een geriemde omlijsting van gele baksteen. Ter hoogte van de tweede zolder, voorheen ijzeren gaanderij, zie bewaarde stellinggaten. Benedenverdieping: rondboogpoort (straatzijde) en dichtgemetselde dito deur. Ter hoogte van deze deur (zuidwestelijke zijde, zie beschietingen), parementschade die naar boven toe uitloopt in een scheur die steeds breder wordt waardoor er ter hoogte van de derde en vierde zolder slechts één derde van de omtrek van de romp bewaard is.

Bewaarde muren van roodbakstenen bijgebouw voor stoommachine, oorspronkelijk onder zadeldak (haaks op de molenromp), restant van puntgevel tegenaan de molenromp. Lange gevels met bewaarde 'hondjes' of modillons voor dakoverstek. Aan de straatzijde, echthoekige poort, geflankeerd door getoogde venstertjes.

Ten noorden van de molen (ten noordoosten van de Molenweg), molenaarswoning- en hoeve gelegen binnen het beschermde dorpsgezicht. De hoeve is als dusdanig reeds aangeduid op de kaart van Ph. Vandermaelen (circa 1850). Na vernietiging tijdens de Eerste Wereldoorlog, heropgebouwd in de jaren 1920, in de lijn van 19de-eeuwse hoevebouw.

Ten noordwesten van het erf, geelbakstenen molenaarshuis met rechts geïncorporeerde stalling onder doorgetrokken zadeldak (mechanische en Vlaamse pannen). Getoogde muuropeningen (vernieuwd houtwerk met T-indeling), klimmend laadvenster. Verbouwde zij- en achtergevels. Voorts roodbakstenen nutsgebouwen (onder meer schuur onder zadeldak) rondom het erf opgesteld; schuifpoorten, klimmend laadvenster.

  • AFDELING RUIMTELIJKE ORDENING, HUISVESTING EN MONUMENTEN EN LANDSCHAPPEN WEST-VLAANDEREN, Cel Monumenten en Landschappen, archief nummer 1483.
  • INVENTARISATIE VAN RELICTEN UIT WO I IN DE WESTHOEK (Provincie West-Vlaanderen, "Oorlog en Vrede in de Westhoek", en Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Monumenten en Landschappen).
  • DECLERCK P., 't Is oorlog, pastoor! Het oorlogsdagboek van pastoor Edmond Denys uit Klerken, 1914, Koksijde, 2001, p. 15-17.
  • DENEWET L., Dorpsraad Klerken redt molenruïne als oorlogsmonument, in Molenecho's, 26.2, 1998, p. 70-77.
  • DESMYTTERE J., Herdenking 80 jaar bevrijding van Klerken en zijn molen, in Werkgroep West-Vlaamse Molens, 14.4, 1998, p. 175-177.
  • DESMYTTERE J., Klerken, het dorp op de heuvel, s.l., 1954, p. 16-17 (iconografie), p. 24.
  • DEVLIEGHER L., De molens in West-Vlaanderen, Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, deel 9, Tielt, 1984, p. 222.
  • Herdenking 80 jaar bevrijding van Klerken en zijn molen, in Werkgroep West-Vlaamse Molens, 14.4, 1998, p. 175-177.
  • JACOBS M., Zij, die vielen als helden ... Inventaris van de oorlogsgedenktekens van de twee wereldoorlogen in West-Vlaanderen. Deel 2, Brugge, 1995, p. 174.

Bron: Missiaen H. & Vanneste P. met medewerking van Gherardts F. 2006: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente  Houthulst, Deelgemeenten Jonkershove, Klerken en Merkem, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL24, (onuitgegeven werkdocumenten).

Auteurs: Missiaen, Halewijn & Vanneste, Pol

Datum tekst: 2006

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Molenweg

Molenweg (Houthulst)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.