Parochiekerk Sint-Medardus

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Wervik
Deelgemeente Wervik
Straat Sint-Medardusstraat
Locatie Sint-Medardusstraat zonder nummer, Wervik (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Adrescontrole Wervik (adrescontroles: 15-02-2008 - 15-02-2008).
  • Inventarisatie Wervik (geografische inventarisatie: 01-01-1991 - 31-12-1991).
Links

Juridische gevolgen

is beschermd als monument Parochiekerk Sint-Medardus

Deze bescherming is geldig sinds 09-12-1964.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Medardus

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

Beschrijving

Georiënteerd gotisch bedehuis van het basilicale type met kooromgang, transept, driebeukig schip en westtoren. Eén van de ruimste bedehuizen in het zuiden van West-Vlaanderen: 81 meter lang, 37 meter breed en 86 meter hoog.

Bouwgeschiedenis opklimmend tot begin 13de eeuw. Door bevolkingstoename - economische bloeiperiode! - werd de toenmalige Sint-Maartenskerk op het gelijknamige plein te klein. Circa 1214, bouw van een nieuwe parochiekerk, toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart en de Heilige Medardus, aan de linker Leie-oever; van dit vroeg-gotisch bedehuis met driebeukig schip en koor, bleef de crypte (tweede helft 13de eeuw) onder de huidige zuidelijke kooromgang bewaard. Verwoesting door de Franse troepen in 1382, waarna onmiddellijk bouw van de huidige kerk op dezelfde plaats en volgens A. Sanderus (1641), dubbel zo groot als de vorige. Volgens een octrooi van 1414, kerk toen praktisch voltooid en toren in aanleg. Laatst genoemde blijkbaar af in 1433.

Plundering en ingrijpende vernielingen tijdens de godsdienstoorlogen, 1566, 1579... tijdelijk gebruik als verdedigingspunt door de malcontenten, en brand in 1580-1581.

In de loop van de 17de eeuw, herstel van het bedehuis waarvan volgens octrooien van 1608 tot 1620 nog slechts de buitenmuren en een gedeelte van het dak aan de zuidkant bewaard.

Eerste kwart 18de eeuw: overkluizing met stenen gewelven en bouw van luchtbogen waarvan zes aan het koor en tien aan het schip. Brand tijdens de Franse Revolutie, waarna nieuwe bekapping -essenhout uit de Nonnebossen (Zonnebeke)- iets minder hoog den de vorige; leien bedaking in 1799.

In de loop van de 19de eeuw, ingrijpende restauratiewerken waarin de luchtbogen een belangrijke plaats innemen; hele proces in zekere mate beantwoordend aan eenheid van stijl-princiepen met nodige interpretaties, aanvullingen en tussentijdse correcties en met de alom verspreide materiaalvervanging. Kritiek in dit verband in 1887 vanwege de Koninklijke Commissie voor Monumenten: de door de toenmalige architect-restaurateur P. Croquison (Kortrijk) -in opvolging van architect J. Lernould (Ieper)- ruim ingevoegde witsteen van Savonniere vormde een te schril contrast met de oorspronkelijke Atrechtse zandsteen. Tenslotte overdracht van de restauratiewerken aan architect A. Van Assche (Gent). Vanaf dan, meer doordachte restauratie-aanpak onder meer geïnspireerd op de afbeelding van de Sint-Medarduskerk bij Sanderus en de Sint-Bertinuskerk van Sint-Omaars (Noord-Frankrijk); uitvoering in hergebruikt materiaal en Gobertangesteen. 1895: gunstig advies van Koninklijke Commissie voor Monumenten voor het plaatsen van een doksaal naar ontwerp van A. Van Assche. De bouw van een nieuwe stenen torenlantaarn met spits naar ontwerp van vermeld architect in 1898-1902 zette een punt achter de 19de-eeuwse restauratie.

Na de Eerste Wereldoorlog, herstellingswerken onder leiding van architect J. Bosschaert (Wervik) aan noordzijde van de hoofdbeuk en de toren, met hergebruikt materiaal en Euvillesteen.

Jaren 198O, restauratie van de koorpartij -gevels en bedaking- onder leiding van de architecten W. Lannoy (Wervik) en J. Van Genneken (Menen).

Plattegrond en typering. Voorgeplaatste vierkante westtoren met ronde traptorens in noordwestelijke- en zuidwestelijke oksels (begin 15de eeuw). Driebeukig basilicaal schip van zes traveeën met zijkapel en -portaal ten noorden en ten zuiden van respectievelijk de vijfde en de zesde travee (eind 14de- begin 15de eeuw). Transept met gelijke armen van anderhalve travee. Ruime koorpartij (eind 14de eeuw): hoofdkoor van twee ongelijke traveeën met vijfzijdige sluiting; kooromgang met onregelmatige vorm ten gevolge de aanwezigheid van een crypt ten zuiden; rechthoekige kranskapellen, één ten noorden en vier ten zuiden; driezijdige askapel. Traptorentje in oksel van de noordelijke kranskapel en transept. Zuidelijke sacristie en bergruimte (19de eeuw).

In tegenstelling met baksteen als regionaal bouwmateriaal, hier typerend gebruik van natuursteen met als plausibele verklaring de gemakkelijke aanvoer ervan via de nabijgelegen Leie; sevens bepalende factor voor de architecturale uitwerking.

Koorpartij enigszins verwant met die van de Kortrijkse Onze-Lieve-Vrouwekerk (eerste kwart 14de eeuw) waar de Doornikse invloed doorslaggevend was voor het inhalen van de Franse klassieke gotiek. Te Wervik echter opgetrokken uit Atrechtse zandsteen, het "nieuwe" bouwmateriaal vanaf de 13de eeuw aangevoerd via de Leie in West-Vlaanderen; echter nog gebruik van Doornikse steen voor scheibogen en zuilen waarvan de kapitelen bovendien nog verwant aan het Scheldegotisch knoppenkapiteel. Schip en westtoren grosso modo van Ledezandsteen en voorbeeld van de invloed van de Brabantse gotiek in het zuidwestelijke gedeelte van het graafschap Vlaanderen.

Tijdens de 19de eeuw ingevoegde restauratiematerialen: baksteen onder meer voor de luchtbogen, witsteen van Savonniere, Gobertangesteen, Euvillesteen,... Leien bedaking.

Exterieur. "Brabantse", vierkante westtoren van drie geledingen met omlopende kordons en waterlijsten, onder bekroning van 1898-1902. Overhoekse steunberen verlevendigd door middel van casementen en uitlopend op wimbergen; ten zuidwesten en ten noordwesten met aanleunend traptorentje onder kegelvormige leien spits. Gekoppelde korfboogdeuren in geprofileerde omlijsting opgenomen in de doorgetrokken spitsboogomlijsting van het groot vierlicht ten westen. Tweede geleding gemarkeerd door grote spitsboognissen met ingeschreven stenen traceringen. Gekoppelde galmgaten onder de balustrade met hoekpinakels. "Nieuwe" bekroning in aansluitende bouwtrant: achtzijdige torenlantaarn onder gesloten, stenen spits afgezet met hogels.

Middenbeuk en hoofdkoor onder zadeldaken waarbij die van de transeptarmen aansluiten, zijbeuken en kooromgang onder lessenaarsdak; telkens afgelijnd met uitgewerkte stenen balustrade en per travee gemarkeerd door stuttende luchtbogen aansluitend bij de steunberen en uitlopend op pinakels. Spitsboogvensters met nagenoeg geüniformeerde tracering voor drie- en vierlichten; meer uitgewerkte zeslichten in transeptpuntgevels. Geaccentueerd noordportaal met korfboogdeur verdiept in spitsboogomlijsting tussen steunberen uitlopend op pinakel; traceerwerk in het boogveld waarvan archivolt met kruisbloemen.

Interieur. Hoge vierzijdige ruimte onder de toren, met uitlopend baksteenmetselwerk en kruisribgewelf met mangat. Bepleisterde basiliek. Schip geritmeerd door spitsbogige scheibogen op zandstenen zuilen met achtzijdige sokkel en enkelvoudig koolbladkapiteel. Schijntriforium: per travee, rondboognis met ingeschreven driepas.

Uitgewerkt noordportaal: oplopend metselwerk met nissen gekenmerkt door het gebruik van afwisselend gele en rode baksteen; kraagstenen met florale versiering; deuromlijsting als vereenvoudigde repliek van die aan de buitenkant.

Kruising gemarkeerd door bundelpijlers waarvan de oostelijke van Doornikse steen. Hoofdkoor met zelfde opstand als middenbeuk, hier echter gebruik van Doornikse steen voor scheibogen en zuilen met knoppenkapiteel.

Onregelmatige kooromgang (crypt!), in het noordelijk gedeelte met spitsbogige doorgang naar kranskapel en voorts korfboognissen onder de spitsboogvensters; in het zuidelijk gedeelte, rondbogige doorgangen naar drie kranskapellen, echter ter hoogte van de tweede vervangen door deur (toegang crypt).

Afdekking door middel van bakstenen kruisgewelven met stenen ribben, uitstralend in de hoofdkoorsluiting en met de nodige vormaanpassingen in de kooromgang; onder meer opgevangen door schalken in hoofdbeuk en -koor, en door figuratief uitgewerkte kraagstenen (hoofdje) in de noordelijke kranskapel of Sint-Janskapel, voormalige schatkamer zie wapenschild op sluitsteen.

Octogonale crypt (tweede helft 13de eeuw): centrale, polygonale natuurstenen zuil met uitstralende dito ribben opgevangen door gesculpteerde kraagstenen (symbolen evangelisten?); bepleisterde, bakstenen gewelven.

Mobilair. Schilderijen op doek uit de 17de eeuw: Heilige Familie (gerestaureerd), Tenhemelopneming van Maria, Doop van Jezus; uit de 18dee eeuw: Heilige Familie (circa 1700) toegeschreven aan Jacob Van Oost de Jonge, Bekering van Paulus en Verloochening van Petrus (1725) toegeschreven aan Jan Van Orley, Heilige Filomena.

Houten beelden voornamelijk uit de 18de eeuw: Jezus aan het kruis (17de eeuw), buste Heilige Apollonia, Onze-Lieve-Vrouw van Smarten, Heilige Paulus, Heilige Medardus. 19de-eeuwse calvarie op de triomfbalk.

Neogotische altaren uit het vierde kwart van de 19de eeuw - eerste kwart van de 20ste eeuw. Barokke preekstoel (1674-1675) toegeschreven aan M. Linniart (Rijsel). Laat-barokke biechtstoel gedateerd 1724, werk van B. Arrion (Rijsel).

Houten 17de-eeuwse offerblok een "slaaf" voorstellend. Vier stenen 15de-eeuwse grafreliëfs verspreid over de kerkmuren. In de Sint-Janskapel, grafsteen van Thierry Van Gherbode (+ 1419). In Sint-Ritakapel, graftombe van schildknaap Ervé de Mériadech (+ 1478) en Jane de Croix (+ 1460).

  • Archief Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, 920.
  • DESCHREVEL A., De Sint-Medarduskerk van Wervik, in Verslagen en Mededelingen van de Leiegouw, VII, 1965, p. 243-245.
  • DEVLIEGHER L., Beeld van het kunstbezit, in Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 1, Tielt-Den Haag, 1965, p. 107-108.
  • HOSTE H., De St.-Medarduskerk te Wervik, in West-Vlaanderen, II, maart 1953, zonder pagina.
  • LANNOY L., De Sint-Medarduskerk te Wervik Historische schets, in Verslagen en Mededelingen van de Stedelijke Oudheidkundige Commissie Wervik, IX, 1974, 1-4, p. 25-32.
  • ROOSE-MEIER B., Fotorepertorium van de Belgische bedehuizen, Provincie West-Vlaanderen, Kanton Wervik, 1977, p. 16-19.
  • Sint-Medarduskerk Wervik, Wervik, 1975 (folder).
  • WILDEMEERSCH H., De restauratie van de Sint-Medarduskerk, in Verslagen en Mededelingen van de Stedelijke Oudheidkundige Commissie Wervik,, jaarboek 1982, p. 27-39.

Bron: Delepiere A.-M. & Huys M. 1991: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie West-Vlaanderen, Arrondissement Ieper, Kantons Mesen - Wervik - Zonnebeke, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 11N3, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Delepiere, Anne Marie & Huys, Martine

Datum tekst: 1991

Aanvullende informatie

In de kerk bevindt zich een beeld van Madonna met kind. Dit beeld werd in 1945 vervaardigd door de Gentse beeldhouwer Berten Coolens. Het beeld is een kopie naar het werk van Michelangelo in de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Brugge en werd in 2002 geschonken door de familie van Elslande - Coolens.

  • Informatie verkregen van Rudy van Elslande (21 augustus 2015).

Auteur niet publiek (02-09-2015 )

In de kerk bevinden zich verschillende relicten die herinneren aan de Eerste Wereldoorlog.

In de askapel: spitsboogvormig glasraam ter herinnering aan oorlogsdoden, geschonken door de familie Vandermersch. In het kamertje achter het orgel: Duitse inscripties.

  • DECOODT H. & BOGAERT N. 2002-2005: Inventarisatie van het Wereldoorlogerfgoed in de Westhoek, project in opdracht van de provincie West-Vlaanderen, "Oorlog en Vrede in de Westhoek", en Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Monumenten en Landschappen.

Marchand, Sofie (19-04-2017 )

Relaties

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Sint-Medardusstraat

Sint-Medardusstraat (Wervik)

omvat Orgel kerk Sint-Medardus

Wervik (Wervik)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.