erfgoedobject

Parochiekerk Sint-Martinus

bouwkundig element
ID
31612
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/31612

Juridische gevolgen

Beschrijving

Georiënteerd bedehuis, gelegen in de bocht van het Westvleterendorp. Omringend kerkhof afgezet door middel van een bakstenen muurtje met pilasters onder ezelrug.

Laat-gotische, driebeukige hallekerk, in oorsprong een romaanse eenbeukige kruiskerk met vierzijdige kruisingtoren. De kerk werd gedeeltelijk herbouwd en gerestaureerd in de eerste helft van de 18de eeuw. Aan het interieur werden wijzigingen aangebracht in 1847,1853 en 1854. Restauratie en aanbouw van zuidelijke sacristie in 1897 naar ontwerp van architect Jules Carette (Kortrijk). In 1971-1973 werd de kerk voor het laatst gerestaureerd.

De plattegrond ontvouwt: een driebeukig schip van vier traveeën; een kruisingstoren; een transept met uitstekende armen van één travee + een kortere travee, voorzien van een vlakke sluiting; een zeszijdig traptorentje in de oksel van het noordelijk transept met noordelijk koor; een hoofdkoor en noordelijk zijkoor van één travee + een smallere travee respectievelijk een driezijdige en een vlakke sluiting; een zuidelijk koor met verhoogde begane grond, waaronder, volgens oudere teksten, crypte, thans opgevuld, van één travee en twee kortere traveeën onder meer de meest oostelijke tevens smaller, met vlakke sluiting; een zuidelijke sacristie.

Gebouw van gele baksteen met ijzerzandstenen partijen (Limonietzandsteen uit Zuid-Vlaanderen) als overblijfselen van de romaanse constructie: centrale westgevel, onderste gedeelte van de omlopende sokkel, de vier binnenwanden van de kruisingtoren tot omtrent op de hoogte van de nok van de huidige daken. Gebruik van rode baksteen opgenomen in het metselverband voor het metselaarsteken (twee Andrieskruisen) in de zuidelijke transeptgevel. Drie westelijke puntgevels gestut door middel van steunberen met versnijdingen afgewerkt met hoekpinakels.

Spitsboogvensters in een geprofileerde omlijsting op afzaat onder druiplijstje onder meer een centraal drielicht en twee vierlichten respectievelijk natuur- en bakstenen maaswerk. Centrale, verdiepte rondboogdeur met geprofileerd beloop, onder druiplijstje met gestrekte uiteinden. Noordelijke, zuidelijke en oostelijke gevels gemarkeerd door middel van steunberen met versnijdingen. Geajoureerd door middel van spitsboogvensters op afzaat onder druiplijstje; bakstenen maaswerk. Onder meer vierlichten (met visblaasmotief) in noordelijk en zuidelijk transept, drielichten in noordelijke en zuidelijke zijbeuk en in het hoofdkoor, tweelichten in het noordelijk en zuidelijk zijkoor. Gedicht boogvormig deurtje in de zuidelijke zijgevel ter hoogte van de eerste travee. Transeptgevels afgewerkt met hoekpinakels. Zeshoekig traptorentje afgelijnd met muizetandfries onder tentdakje. Muizentandfries ter aflijning van de hoofdkoorsluiting, onder meer dubbel en overhoeks, ter hoogte van de zijgevels van de zijkoren. Zuidelijke zijkoorsluiting versierd met overkragend spitsboogfries, waarboven gedicht spitsboogvenster. Gedicht drielicht in noordelijke koorsluiting.

Vierzijdige kruisingstoren (binnenwerk 5,10 m X 4,90 m) van twee geledingen gestut door middel van op elkaar gestelde hoeksteunberen met versnijdingen. Aan de vier zijden geajoureerd door middel van spitsbogige galmgaten waartussen lichtgleuven. Aflijnend rondboogfries. Spitse achtzijdige bekroning.

Zuidelijke sacristie in aansluitende bouwtrant. Hallekerk geritmeerd door spitsboogvormige scheibogen op bakstenen zuilen met achtzijdige sokkel en "kapiteel". Aanzetten van de gordelbogen in de middenbeuk in de vorm van houten maskers. Bakstenen kruisingpijlers met halfzuilen. Oostelijke en westelijke kruisingsmuur zijn geajoureerd door middel van tweelichten. Laatst genoemde eveneens voorzien van een groot spitsbogig casement, waarin doorgang gevat, met halfverheven beeldhouwwerk in het boogveld. Overdekking door middel van spitsbogige houten tongewelven; vlak overzolderde kruising.

Mobilair. In het noordelijk transept: "Jezus ontmoet Veronica" (paneel), uit het vierde kwart van de 16de eeuw - eerste kwart van de 17de eeuw. In de zuidelijke zijbeuk: "Bisschopswijding van de Heilige Martinus van Tours", oorspronkelijk middenpaneel van drieluik (?), afkomstig van een vroeger altaar, uit de tweede helft van de 16de eeuw. Kruiswegstaties, uit de 17de eeuw.

Tegen zuidwestelijke kruisingpijler: "Heilige Rochus van Montpellier" (albast) op sokkel onder baldakijn (witte steen), uit het tweede-derde kwart van de 17de eeuw. Tegen de noordwand van het noordkoor: "De opvoeding van Maria: Anna verklaart Maria de Heilige Schrift" (gepolychromeerd hout), uit de tweede helft van de 19de eeuw. In noordelijke transeptarm: portiekaltaar (gemarmerd hout) toegewijd aan de Heilige Barbara, uit het vierde kwart van de 16de eeuw. In noordelijk zijkoor: portiekaltaar (marmer) toegewijd aan de Heilige Familie (albasten beelden), gedateerd 1634.

Biechtstoelen (eiken) uit de tweede helft van de 18de eeuw, in noordelijk en zuidelijk transept. Communiebank met tweeëntwintig gesculpteerde panelen, deels uit het eerste kwart van de 18de eeuw, deels uit het tweede-derde kwart van de 18de eeuw. In de middenbeuk, preekstoel (eik) uit de eerste helft van de 18de eeuw: kuip gedragen door de Boom van de kennis van goed en kwaad in de tuin van het Aards Paradijs, op de panelen van de kuip, in medaillon, de vier Westerse kerkvaders. Neogotisch hoofdaltaar en doksaal (eik), van circa 1880. In het zuidelijk koor, grafmonument van Jan de Baenst (+ 1632) en Cornelie De Wilde, uit 1652. Altaartafel met Heilig Graf en wapenschilden van de families de Baenst en De Wilde, uit de tweede helft van de 19de eeuw. In zuidelijke transeptarm, grafmonument van Jan De Leghere en Janneken Clerks uit 1636, hersteld in 1850 (mariner en witte steen, beeld in albast). Marmeren grafplaten verspreid over de kerk.

  • Archief Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, 567.
  • DEVLIEGHER, De romaanse kerk van Westvleteren, in Handelingen van het genootschap voor geschiedenis gesticht onder benaming société d'émulation te Brugge, XCIV, 1957, 1-2, p. 64-66.
  • ROOSE-MEIER B., VERSCHRAEGEN H., Fotorepertorium van het meubilair van de Belgische bedehuizen, Provincie West-Vlaanderen, Kanton Poperinge, Brussel, 1977, p. 60-63.
  • VANDEPUTTE F., Westvleteren, in Annales de Société d'Emulation IX, 1847.
  • VANDEPUTTE F., Histoire du couvent de St.-Sixte à Westvleteren, Brugge, 1842.

Bron     : Delepiere A.-M. & Huys M. 1989: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie West-Vlaanderen, Arrondissement Ieper, Kanton Poperinge, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 11N2, Brussel - Turnhout.
Auteurs :  Delepiere, Anne Marie, Huys, Martine
Datum  :

Aanvullende informatie

Op het kerkhof, ten oosten van de Sint-Martinuskerk, bevindt zich een Frans militair ereperk met een rechthoekige plattegrond. Het perk telt 189 Franse grafkruisen en 20 Arabische grafstenen, in vier rijen aangelegd. Bij de graven zijn rozenstruiken geplant.

  • DECOODT H. & BOGAERT N. 2002-2005: Inventarisatie van het Wereldoorlogerfgoed in de Westhoek, project in opdracht van de provincie West-Vlaanderen, "Oorlog en Vrede in de Westhoek", en Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Afdeling Monumenten en Landschappen.
Auteurs : Marchand, Sofie
Datum:

Relaties

  • Omvat
    Orgel kerk Sint-Martinus

  • Is deel van
    Westvleterendorp


Je kan deze pagina citeren als: Agentschap Onroerend Erfgoed 2021: Parochiekerk Sint-Martinus [online] https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/31612 (Geraadpleegd op )