Persoon

Holden, Charles

ID: 1201   URI: https://id.erfgoed.net/personen/1201

Beschrijving

Charles HOLDEN (1875 – 1960): Holden had reeds belangrijke publieke gebouwen op zijn naam staan, vooraleer de oorlog uitbrak. Hij diende tijdens de oorlog bij de ‘London Ambulance Brigade’ van het Rode Kruis. Als ‘principal architect’ had hij de verantwoordelijk over het ontwerp van 67 begraafplaatsen. Holden hanteerde een sterk vereenvoudigde classicistische stijl, met eenvoudige meetkundige volumes die wel eens omschreven worden als ‘bunkerarchitectuur’. Het enige herkenbare klassieke element zijn strenge Dorische colonnades.

Principes van de ‘Imperial War Graves Commission’. Reeds vroeg in de oorlog werd beslist dat de Britse doden niet mochten gerepatrieerd worden, onder meer omwille van hygiënische en financiële redenen. Bovendien werd het standpunt ingenomen dat alle doden, ongeacht rang of stand, gelijk behandeld moesten worden. Hiermee wou men voorkomen dat enkel vermogende families hun familieleden konden laten overbrengen naar het thuisfront. Dit verbod lokte tijdens en na de oorlog hevige protesten uit bij de Britse publieke opinie. Protesten die de nieuwbakken instelling maar met moeite wist te trotseren. Er zijn verhalen bekend van familieleden die clandestien poogden hun geliefden zelf te ontgraven en over te brengen. En hier en daar zijn nog unieke uitzonderingen op deze regel bewaard gebleven, zoals op het kerkhof van Zillebeke, waar enkele private Britse graftekens staan.

Het gelijk behandelen van de doden zou in de na-oorlogse aanleg van de begraafplaatsen en de oprichting van gedenktekens voor vermisten opgevolgd worden. De vier belangrijkste pijlers van de ‘War Graves Commission’ zijn:

- iedere dode moet individueel herdacht worden op een grafsteen of op een monument

- de grafstenen en monumenten moeten permanent en duurzaam zijn

- de grafstenen zijn uniform qua ontwerp

- er mag geen onderscheid gemaakt worden naar rang of stand.

De Britse graven werden na de oorlog in de mate van het mogelijke ongemoeid gelaten. Begraafplaatsen van minimum 40 graven werden in principe ter plekke behouden. Door de oorlogsomstandigheden is de aanleg van dergelijke ‘oorspronkelijke begraafplaatsen’ vaak niet gestructureerd verlopen, waardoor ze een onregelmatige aanleg hebben. Soms werden meerdere kleinere begraafplaatsen omgevormd tot één grote begraafplaats. Toch moesten heel wat lijken na de oorlog ontgraven worden, omdat ze geïsoleerd of op te kleine begraafplaatsen lagen. Deze werden ‘geconcentreerd’ op bestaande begraafplaatsen of op nieuw aangelegde verzamelbegraafplaatsen. De Belgische staat kocht de gronden aan waarop de Britse begraafplaatsen werden aangelegd en schonk ze ‘voor eeuwig’ aan het Britse volk. Hieraan herinneren de zogenaamde drietalige ‘landplaten’, die op alle Britse begraafplaatsen terug te vinden zijn. De architecten Het feit dat geliefden niet mochten worden gerepatrieerd, wou men compenseren met een kwalitatief hoogstaande aanleg en onderhoud van de begraafplaatsen. Vandaar dat heel veel aandacht werd besteed aan de architectuur van de begraafplaatsen.

Eerst drie, later vier ‘principal architects’ werden aangezocht om de aanleg van Britse militaire begraafplaatsen op het vasteland vorm te geven. Het gaat om de befaamde Edwin Lutyens, Reginald Blomfield, Herbert Baker en als laatste Charles Holden. Deze 4 hoofdarchitecten waren vooral werkzaam in België en Frankrijk en waren eindverantwoordelijke voor de aanleg van de begraafplaatsen, die hen toegewezen waren. Hiertoe werden ze bijgestaan door diverse ‘assistent architects’, waarvan W.H. Cowlishaw, G.H. Goldsmith, N.A. Rew, A.J.S. Hutton, J.R. Truelove en W.C. Von Berg in Vlaanderen actief waren. In andere landen waren ook andere architecten actief. Deze uitvoerende architecten zorgden heel vaak voor de feitelijke ontwerpen, die ze vervolgens door de aangestelde hoofdarchitect lieten goedkeuren. De nobelprijswinnaar voor literatuur Rudyard Kipling was verantwoordelijk voor de opschriften die op diverse architecturale elementen van de begraafplaatsen terug te vinden zijn.

Tekst van Hannelore Decoodt, beschermingsdossier DW002414.

Erfgoedobjecten

Ontwerper van

Britse militaire begraafplaats met Memorial to the Missing

Nieuwkerkestraat zonder nummer (Mesen)
Messines Ridge Memorial to the Missing: gedenkteken met de namen van 840 vermiste Nieuwzeelanders gevallen in en om Mesen in 1917-'18. Messines Ridge British Cemetery met 1503 graven van Britten, Australiërs, Nieuw-Zeelanders en Zuid-Afrikanen gesneuveld in 1914-'18: enkel 549 geïdentificeerd.


Britse militaire begraafplaats Poelcapelle British Cemetery

Brugseweg zonder nummer (Langemark-Poelkapelle)
Poelcapelle British Cemetery ontstond na de oorlog (in 1919) door de concentratie van verspreide graven uit de omliggende slagvelden en door de ontruiming van kleine begraafplaatsen die naar hier werden overgebracht.


Britse militaire begraafplaats Dranoutre Military Cemetery

Victoriastraat zonder nummer (Heuvelland)
Dranoutre Military Cemetery werd gestart in juli 1915. De begraafplaats werd gebruikt tot maart 1918. Volgens het huidige register liggen er 459 militairen begraven. De begraafplaats is ontworpen door Charles Holden (hoofdarchitect) en W.H. Cowlishaw (uitvoerend architect). Min of meer rechthoekige begraafplaats met een oppervlakte van ca. 3800m². Het terrein van de begraafplaats is grotendeels genivelleerd en aangelegd in verschillende niveaus, deels afgebakend met breukstenen muurtjes met trapjes. De begraafplaats wordt deels omgeven door steile randen en wordt afgebakend met een haag (beuk) en afrasteringen. De begraafplaats kan betreden worden via een graspad, afgezet met Portugese laurierkers, en 2 smeedijzeren hekkens, met tussenin een grijsgroene natuurstenen muur, afgewerkt met witte natuursteen en aan de zijkanten 2 pijlers. Hier staat te lezen ‘Dranoutre Military Cemetery


Britse militaire begraafplaats Lindenhoek Chalet Military Cemetery

Gremmerslinde zonder nummer (Heuvelland)
De eerste begravingen gebeurden hier in maart 1915.. Na de oorlog werden ca. 130 graven uit de slagvelden rond Kemmel toegevoegd. Volgens het huidige register liggen er 317 doden begraven. De begraafplaats is ontworpen door Ch. Holden (hoofdarchitect) en W.C. Von Berg (uitvoerend architect). Lindenhoek Chalet Military Cemetery is een rechthoekige begraafplaats met een oppervlakte van ca. 1400m². De begraafplaats bevindt zich op een hoger niveau dan de straat, het terrein is genivelleerd. De begraafplaats kan betreden worden via een hoog tweeledig smeedijzeren hek tussen hooggeplaatste bakstenen bloembakken, dat uitkomt op een met bakstenen ommuurd en geplaveid platform, dat via terrassen, bedekt met gras en voorzien van trappen uit witte natuursteen, verbonden is met de eigenlijke begraafplaats. In deze toegangspartij zijn een zitbank, de metalen infoplaat, het registerkastje en de d


Britse militaire begraafplaats Kandahar Farm Cemetery

Nieuwkerkestraat zonder nummer (Heuvelland)
De begraafplaats werd vanaf november 1914 gebruikt, tot aan het Duitse Lente-Offensief in het voorjaar van 1918. Er liggen volgens het huidige register 446 doden begraven. Het ontwerp van de begraafplaats is van de hand van Ch. Holden (hoofdarchitect) en W.H. Cowlishaw (uitvoerend architect).


Britse militaire begraafplaats Pond Farm Cemetery

Vrooilandstraat zonder nummer (Heuvelland)
Men startte met de aanleg van de begraafplaats in juli 1916. Op de begraafplaats zijn 301 mannen begraven. Er werden 3 'special memorials' opgericht voor de mannen van het ‘1st/7th Cheshire’. De begraafplaats is ontworpen door Charles Holden (hoofdarchitect) en W.H. Cowlishaw (uitvoerend architect).


Britse militaire begraafplaats Wulverghem-Lindenhoek Road Military Cemetery

Hooghofstraat zonder nummer (Heuvelland)
De aanleg van Wulverghem-Lindenhoek Road Military Cemetery startte in december 1914. Bij de wapenstilstand waren er 162 graven, perken II tot V kwamen er door de concentratie van geïsoleerde graven uit de omliggende slagvelden en uit kleinere begraafplaatsen.


Polygon Wood Cemetery

Lange Dreve zonder nummer (Zonnebeke)
Het Polygoonbos was vóór de oorlog een militair oefenterrein met een kunstmatige heuvel om kogels op te vangen. Omwille van zijn ligging op de West-Vlaamse heuvelrug werd het tijdens de Eerste Wereldoorlog een belangrijk steunpunt van de ‘Ypres Salient’.


Buttes New British Cemetery

Lange Dreve zonder nummer (Zonnebeke)
De geschiedenis van Buttes New British Cemetery en zijn omgeving hangt nauw samen met die van de vlakbij gelegen begraafplaats Polygon Wood Cemetery.


Passchendaele New British Cemetery

's Graventafelstraat zonder nummer (Zonnebeke)
De ‘New British Cemetery’ werd pas na de oorlog aangelegd door de concentratie van verspreide graven op de slagvelden rond Passendale en Langemark.


Zantvoorde British Cemetery

Kruisekestraat zonder nummer (Zonnebeke)
De begraafplaats werd na de oorlog aangelegd door de concentratie van graven uit kleinere begraafplaatsen en veldgraven. Er liggen nu 1583 doden uit de Eerste Wereldoorlog en 1 Brit uit de Tweede Wereldoorlog begraven (of worden herdacht).