Parochiekerk Sint-Bavo

inventaris bouwkundig erfgoed \ bouwkundig relict

Locatie

Provincie West-Vlaanderen
Gemeente Poperinge
Deelgemeente Watou
Straat Kerkhofstraat
Locatie Kerkhofstraat zonder nummer, Poperinge (West-Vlaanderen)
Status Bewaard

Administratieve gegevens

Gebeurtenissen
  • Actualisatie Poperinge (actualisaties: 27-05-2008 - 18-06-2008).
  • Adrescontrole Poperinge (adrescontroles: 12-02-2008 - 14-02-2008).
  • Inventarisatie Poperinge (geografische inventarisatie: 01-01-1989 - 31-12-1989).
Links

Juridische gevolgen

is beschermd als monument Parochiekerk Sint-Bavo

Deze bescherming is geldig sinds 20-02-1939.

is vastgesteld als bouwkundig erfgoed Parochiekerk Sint-Bavo

Deze vaststelling is geldig sinds 14-09-2009.

is deel van de bescherming als stads- of dorpsgezicht, intrinsiek Dorpskom Watou

Deze bescherming is geldig sinds 03-07-1985.

Beschrijving

Georiënteerde kerk gelegen middenin een omhaagd kerkhof met Heilig Hartbeeld aan de noordzijde. Begrensd ten noorden door de Heidebeek, ten zuiden door het Watouplein.

Gotische hallekerk, gebouwd in de 16de eeuw, ter vervanging van de romaanse kerk, vermoedelijk opgetrokken in de tweede helft van de 12de eeuw. Overblijfselen van de romaanse constructie: ijzerzandstenen muurgedeelte met drie gedichte rondboogvensters in de westgevel van de middenbeuk, de basis van de kruisingtoren. Verbouwing in de loop van de 18de eeuw. Verscheidene aanpassingen in de 19de eeuw: 1804, sacristie tegen de zuidgevel; 1837, westportaal en doopkapel tegen de zuidgevel; 1840, houten gewelf ter hoogte van de viering wordt door kruisribgewelf vervangen onder leiding van bouwkundige Jan Clarysse. Eveneens uit de 19de eeuw, zijn de pseudo-romaanse geveltop en het roosvenster in de westgevel, alsook een herstelling van de spitse achthoekige kruisingtoren. Enige veranderingen naar ontwerp van architect P. Croquison (Kortrijk) uit 1871: verwijden van de noordbeuk, verplaatsen van torentrap, bouwen van de kleine noordelijke kapel, bouwen van de noordelijke sacristie identiek aan de bestaande zuidelijke sacristie, het plafonneren van de koorpartij. De muurnis, met de marmeren beelden van Karel van Ydeghem en Maria van Cortewylle en overwelfd met gebeeldhouwde casementen, bevond zich in de noordelijke muur van het hoofdkoor; bij de bouw van de noordelijke sacristie (1871), werd deze omgebouwd tot doorgang. In 1894 werden herstellingswerken uitgevoerd aan het koor, de torenspits en het horloge. Plannen naar ontwerp van architect J. Carette (Kortrijk), daterend van eind 1913 -begin 1914, voor het uitbreiden van de noordelijke sacristie en de noordelijke kapel werden, waarschijnlijk door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, niet uitgevoerd.

De plattegrond ontvouwt: een rechthoekig westportaal, een driebeukig schip van drie traveeën, een zuidelijke doopkapel en noordkapel, een transept met armen van één travee, een hoofdkoor en twee zijkoren van respectievelijk drie en twee rechte traveeën met een driezijdige sluiting, een noordelijke en zuidelijke sacristie. Rode baksteenbouw. Gebruik van ijzerzandsteen voor vermelde muurgedeelten en sporadisch in de sokkel. Sporadisch gebruik van kalksteen (herbruikt) in noordelijke zijgevel en noordelijk transept (speklagen). Gele baksteen voor versieringen. Afdekking door middel van leien zadeldaken. Drie westelijke tuitgevels, voorzien van steunberen met versnijdingen, eindigend op pinakels bij de centrale westgevel. Centrale westgevel. IJzerzandstenen muurgedeelten met drie dichtgemetselde rondboogvensters. Aflijnende gele baksteenfries, waaronder roosvenster in een gele bakstenen, geprofileerde omlijsting. Linker travee voorzien van geel bakstenen speklagen, geajoureerd door spitsboogvenster in dito geprofileerde omlijsting op afzaat. Rechter travee geajoureerd door spitsboogvenster (vierlicht) in geprofileerde omlijsting op afzaat.

Rechthoekig portaal, tegen de centrale westgevel, van één travee onder afgewolfd zadeldak (leien), gedateerd 1837 door middel van gevelsteen. Rondboogportaal met omlijsting van vlakke pilasters met frontonbekroning waarin oculus. Traveeën van het schip onderling gescheiden door steunberen met versnijdingen en geajoureerd door spitsboogvensters, in de zuidgevel drielichten met laat-gotisch maaswerk, in geprofileerde omlijsting op afzaat. Aflijnende overhoekse muizetandfries. Gele bakstenen en kalkstenen speklagen in noordgevel. Tegen de eerste travee van de zuidelijke beuk, doopkapel van één travee met driezijdige sluiting onder overstekend licht, gebogen zadeldak. Gedateerd 1837 door middel van gevelsteen. Hoekpilasters. Oculi met geel bakstenen omlijsting. Tegen de eerste travee van de noordbeuk, kleine kapel van de bewening onder lessenaarsdak. In de oksel van de noordelijke beuk en noordelijk transept, zeszijdig traptorentje onder leien spits.

Transepten afgesloten door tuitgevels, opengewerkt door middel van spitsboogvenster in geprofileerde omlijsting op afzaat, onder meer vierlicht met laat-gotisch maaswerk in de zuidelijke transeptgevel. Laatst genoemde voorzien van een gedichte rondboogdeur, verdiept in een geprofileerde spitsboogomlijsting met nisje in het boogveld.

Koorpartij. Traveeën onderling gescheiden door steunberen met versnijdingen geajoureerd door spitsboogvensters, drie- en vierlichten met oorspronkelijk natuurstenen maaswerk onder meer gedicht in de middentravee van de driezijdige sluiting van zuid-, hoofd- en noordkoor. Identieke noordelijke en zuidelijke sacristieën met spiegelbeeldopstand. Zuidelijke sacristie gedateerd in de zijgevel door middel van gevelsteen met opschrift: "Past. R.D.J. SIAWERS C. CAMBRON D. LYOEN P. L. CAULIER AEDITUS 1804".

Achtzijdige kruisingtoren onder een leien spits met houten dakkapellen (galmgaten). Donkerbruine baksteenbouw met metselaarstekens (andrieskruisen) van donkerder gekleurde baksteen. Gesloten borstwering op natuurstenen kraagstenen. Rondboogvenster aan zuidzijde.

Witbepleisterde hallekerk. Geheel overspannen door bepleisterde spitsbooggewelven, behalve de kruising door zesdelig kruisribgewelf; onderling gescheiden door spitsbogen op zuilen met achtzijdige sokkel en bladkapiteel.

Mobilair. Schilderijen. "Jezus sterft aan het kruis" (doek), Vlaamse school, 17de eeuw, in de hoofdbeuk; "Mirakel van het Heilig Kruis met de Heilige Helena en de bisschop Macarios" (doek), Vlaamse school, 17de eeuw, in de N.zijbeuk; "Aanbidding van de herders" (eiken paneel), circa 1650, in de zuidelijke zijbeuk; "Verschijning van de Onze-Lieve-Vrouw aan de Heilige Antonius van Padua" (doek), circa 1700, in de hoofdbeuk. Beelden. "Processie-, Onze-Lieve-Vrouw met kind", gepolychromeerd en verguld hout, circa 1600, in noordelijk zijkoor; "Christus op de koude steen", gepolychromeerd hout, eerste kwart van de 17de eeuw, in zuidelijke zijbeuk; "Processie van Sint-Anna-ten-drieën" op sokkel, verguld en verzilverd hout, tweede tot derde kwart van de 18de eeuw, in noordelijk zijkoor.

Portiekaltaar, uit 1730-1744 in hoofdkoor. Noordelijke en zuidelijke portiekaltaren, uit de eerste helft van de 18de eeuw, in zijkoren. Zijaltaren, uit de eerste helft van de 18de eeuw, in noordelijke en zuidelijke zijbeuk, tegen westelijke kruisingspijlers. Preekstoel, hangende kuip, uit 1732. Biechtstoelen, in noordelijke en zuidelijke zijbeuk, uit 1834. Communiebank (eik), eerste helft van de 18de eeuw. Lambrizering (eik), neorenaissance, 1837. Baldakijn, verguld en gepolychromeerd hout en spiegelglas, 1745 in zuidelijke zijbeuk. Marmeren ligbeelden van Charles d'Ydeghem, baron van Wieze en eerste graaf van Watou (1630) en Marie de Cortewylle, de Berst en de Watou, eerste helft van de 17de eeuw, in noordelijke zijbeuk. Gedenkteken, 1964, in noordelijke zijbeuk. Orgel, ca. 1810.

  • Archief Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, 940.
  • DESMIDT F.), De Romaansche Kerkelijke Bouwkunst in West-Vlaanderen, Gent, 1940, p. 268-269.
  • DEVLIEGHER L., Beeld van het kunstbezit. Inleiding tot een inventarisatie (Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, b, Tielt-Den Haag, 1965, p. 107.
  • ROOSE-MEIER B., VERSCHRAEGEN H., Fotorepertorium van het meubilair van de Belgische bedehuizen, Provincie West-Vlaanderen, Kanton Poperinge, Brussel, 1977, p. 54.
  • RUBBRECHT L.A., Geschiedenis van Watou, Brugge, 1910, p. 274-304.

Bron: Delepiere A.-M. & Huys M. 1989: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie West-Vlaanderen, Arrondissement Ieper, Kanton Poperinge, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 11N2, Brussel - Turnhout.

Auteurs: Delepiere, Anne Marie & Huys, Martine

Datum tekst: 1989

Relaties

maakt deel uit van Dorpskom Watou

Douvieweg, Kapelaanstraat, Kasteelstraat, Kerkhofstraat, Kleine Markt, Moenaardestraat, Steenvoordestraat,...

Geen afbeelding beschikbaar

maakt deel uit van Kerkhofstraat

Kerkhofstraat (Poperinge)

omvat Heldenhuldezerkjes en andere grafstenen op kerkhof

Watouplein zonder nummer, Poperinge (West-Vlaanderen)

omvat Knotlindenrij bij kerkhof Watou

Kerkhofstraat zonder nummer (Poperinge)

omvat Meidoornhaag bij kerkhof Watou

Kerkhofstraat zonder nummer (Poperinge)

omvat Orgel kerk Sint-Bavo

Watou (Poperinge)

omvat Watou Churchyard

Watouplein zonder nummer, Poperinge (West-Vlaanderen)

Logo Onroerend Erfgoed

Deze site is een realisatie van Onroerend Erfgoed, een agentschap van de Vlaamse Overheid dat onroerend erfgoed in Vlaanderen inventariseert, onderzoekt, beschermt, beheert en de ontsluiting ervan stimuleert.